Voedingscentrum.nl maakt gebruik van cookies. Waarom? Lees onze uitleg
Encyclopedie

De Voedingscentrum Encyclopedie is de kennisbank van het Voedingscentrum. Je vindt er inhoudelijke informatie over allerlei onderwerpen.

Je kunt op twee manieren zoeken naar onderwerpen in de encyclopedie: via het zoekveld en via het alfabet.

Nieuw
Lekker eten met minder zout
Een praktisch boek voor iedereen die minder... Bestel nu € 9,95
Populair
Gezond eten met de Schijf van Vijf
Geheel vernieuwd! Iedereen weet dat gezond... Bestel nu € 9,95
Ga naar

Tip

Hamburgertjes met gebakken kerstomaatjes Heerlijk voor een barbecue, geroosterde tomaatjes! Serveer met tzatziki en volkorenbroodjes. Dit recept is afkomstig uit het kookboek '53 recepten voor een gezonde barbecue'. Bekijk het kookboek

Vlees

Vlees past in een gezond eetpatroon, vooral vanwege de eiwitten, vitamines en mineralen. Vlees kan ook veel verzadigd vet bevatten, behalve de magere varianten. Het is niet nodig om vlees te eten, je kunt het vervangen met andere producten.

Let op met het eten van rauw, rood en verbrand vlees, want dit kan slecht zijn voor je gezondheid. Dieren worden voor de slacht gecontroleerd op dierziekten. Vlees in de handel is daarom veilig. 

Vlees heeft veel invloed op het klimaat vergeleken met andere producten: kippenvlees het minste en rundvlees het meest. De toenemende vraag naar vlees leidt tot ontbossing, meer land- en watergebruik en het verdwijnen van regenwoud. Diverse houderijen houden rekening met dierenwelzijn. Aan keurmerken is te zien hoe het dier heeft geleefd. 

Omschrijving

Vlees is het eetbare deel van een landbouwhuisdier of wild. Meestal zijn dit spieren. Soms is dat orgaanvlees, zoals lever. Er bestaat een verschil tussen rood- en wit vlees. Rood vlees komt van runderen, schapen, geiten en varkens. Wit vlees van kip en ander gevogelte. 

Vlees valt in vak 3 van de Schijf van Vijf. Dit is het vak van vlees, vleeswaren, vis, melk, melkproducten, kaas, ei en vleesvervangers. 

Typen vleesproducten

De Warenwet geeft definities van verschillende typen vleesproducten: 

  • Separatorvlees: vlees dat met machines van het bot is gehaald. 
  • Gehakt vlees: vlees dat in kleine stukken is gehakt of door een gehaktmolen is gehaald.
  • Vleesbereiding: vlees met eet- of drinkwaren, kruiden of toevoegingen, of vlees dat een behandeling heeft ondergaan waarbij de kenmerken van vers vlees niet zijn verdwenen.
  • Gehakt: vlees dat geen separatorvlees is. Het kan wel van vleesbereiding gemaakt zijn. Gehakt is door hakken, malen of op een andere manier zo verkleind dat het kneedbaar is en het tot verschillende vormen te bewerken is. Het bevat geen vleesvreemd eiwit. 
  • Vleesproduct: vleesproducten hebben geen kenmerken meer van vers vlees. Uitzonderingen zijn vlees dat alleen een koudebehandeling heeft ondergaan, gehakt vlees en vleesbereidingen.

Productie

Vee gaat van de  fokkerij naar een veemesterij. Daar worden de dieren vetgemest tot ze geschikt zijn voor de slacht. Daarna gaat het vlees naar de uitsnijderij.

Consumptiecijfers

In 2012 ging er voor de gemiddelde Nederlander 83,7 kilo vlees per jaar over de toonbank. Maar dit is niet wat mensen eten. In de tabel hieronder is te zien wat er aangeboden is, en wat we daadwerkelijk eten in Nederland.

 

Vlees dat te koop is (kilo)

 

Vlees dat we eten kilo)

 

De hoeveelheid die we eten van wat er te koop is (%)

 

Vlees dat we dagelijks eten (gram per dag)

Totaal

83,7

 

38,6

 

46,1%

 

106

Varken

41,0

 

18,9

 

49,0%

 

52

Rund

16,6

 

7,7

 

19,8%

 

21

Kip

22,3

 

10,3

 

26,6%

 

28

Kalf

1,5

 

0,7

 

1,8%

 

2

Paard

1,0

 

0,5

 

1,2%

 

1

Overig

1,4

 

0,6

 

1,7%

 

2

Bewaren

Het is belangrijk de volgende adviezen te onthouden:

  • Leg rauw vlees en rauwe vleesproducten na het boodschappen doen zo snel mogelijk in de koelkast. Neem een koeltas mee als het erg warm is. Vooral in de auto stijgt de temperatuur op een zonnige dag snel.
  • Zorg ervoor dat de koelkast goed koud is. Dat wil zeggen: 4°C.
  • Let op de TGT-datum (‘te gebruiken tot’) op de verpakking. Na deze datum moet je het vlees weggooien.
  • Bewaar geopende of niet-verpakte producten maximaal 2 dagen in de koelkast.
  • Haal vlees niet te lang voor het bereiden uit de koelkast. Ziekmakende bacteriën, zoals salmonella, delen zich bij een temperatuur van boven de 10°C snel.
  • Bewaar bereid vlees maximaal 3 tot 4 dagen in de koelkast. Bewaar geen vlees dat overbleef bij de barbecue. Dat heeft te lang buiten de koelkast gelegen en bederft daardoor eerder.
  • Rauw gemalen vlees in een geopende verpakking kan maximaal 1 dag in de koelkast worden bewaard en 2 tot 3 maanden in de diepvries. Voorbeelden van gemalen vlees zijn gehakt, hamburgers en slavinken.
Vlees dat kort houdbaar is en snel bederft heeft een ‘te gebruiken tot-datum’ (TGT). Producten die minder snel bederven hebben een ‘ten minste houdbaar tot-datum’ (THT). Voor de veiligheid is het af te raden vlees na de TGT of THT-datum te eten. 

Diepvries

Vlees kan ook in de diepvries bewaard worden bij een temperatuur kouder dan -18°C. Voor kip, rundvlees en varkensvlees gelden verschillende bewaartijden voor de diepvries.

Kijk in de bewaarwijzer voor praktische tips over het bewaren van eten.

Bereiden

Vlees kan op allerlei manieren worden bereid: van koken, bakken en grillen en roerbakken tot barbecueën. Vlees krimpt ongeveer een kwart bij bereiding door vochtverlies.

Bij de bereiding is het belangrijk om kip en varkensvlees door en door te verhitten, zodat ziekteverwekkende bacteriën worden gedood. 

Vlees uit één stuk van rund of varken, zoals biefstuk, mag van binnen nog rosé zijn, omdat de meeste bacteriën altijd aan de buitenkant van het vlees zitten. Het is wel belangrijk om de buitenkant goed te verhitten. Gemalen vlees zoals hamburger, moet altijd goed doorbakken zijn.

Om een voedselinfectie te vermijden is het belangrijk hygiënisch te werken en kruisbesmetting te voorkomen. 

Ontdooien

Vlees kan uit de diepvries komen. Voor het ontdooien is het volgende belangrijk:

  • Ontdooi bevroren producten in de koelkast, op een afgedekt bord of in een afgedekte schaal. Zo krijgen bacteriën geen kans en blijft het vlees lekker sappig. Laat ze niet ontdooien op het aanrecht, op de verwarming of in warm water. 
  • Spoel na het ontdooien het vleessap dat overblijft weg.
  • Kleinere stukken vlees kunnen worden ontdooid in de magnetron. Maak het dan wel meteen erna verder klaar. Grote stukken vlees zijn minder handig te ontdooien in de magnetron, omdat de buitenkant dan gaar wordt terwijl de binnenkant nog bevroren is.
  • Vries ontdooid rauw vlees niet opnieuw in. Bij het ontdooien komt namelijk vleesvocht vrij. Een tweede keer invriezen en ontdooien komt de kwaliteit niet ten goede.

Gezondheidseffecten

Voedingsstoffen

Vlees is rijk aan de vitamines B1, B6 en B12 en het mineraal zink. Daarnaast levert het vitamine B2 en de mineralen ijzer, fosfor en seleen. Lever is bovendien rijk aan vitamine A.

Vlees bevat van nature eiwit en vet. Er zitten geen koolhydraten in. Wel kunnen er bij het bereiden koolhydraten aan vlees worden toegevoegd. Dat gebeurt bijvoorbeeld bij paneren.

De hoeveelheid eiwit en vet staan met elkaar in verband. Des te vetter het vlees des te lager het eiwit gehalte en andersom. Het vet van vlees bestaat afhankelijk van de soort (rund of varken en kip) voor ongeveer 40 tot 30% uit verzadigd vet. Verzadigd vet verhoogd het risico op hart- en vaatziekten. De magere varianten bevatten minder vet en daarmee minder verzadigd vet. Deze leveren ook minder calorieën.

De voedingswaarde van vleesproducten, zoals gehaktbal, vinken, burgers en worsten, hangt af van hoe en met welk vlees het gemaakt is. Vaak zit er veel zout in. Dat geldt ook voor bereid vlees als rollade, rookvlees, bacon en spek.

Veiligheid

Ziekteverwekkers

Rauw vlees kan besmet zijn met ziekmakende bacteriën, zoals salmonella of E. coli. Ook parasieten zoals Toxoplasma gondii kunnen in rauw vlees voorkomen. Deze zijn vooral gevaarlijk voor zwangere vrouwen. Vlees bakken doodt de bacteriën.

Schadelijke stoffen

In verbrand vlees zitten schadelijke stoffen, namelijk PAK's. Er zijn onderzoeken waaruit aanwijzingen komen dat het regelmatig eten van verbrand vlees de kans op alvleesklier- of darmkanker verhoogt.

Dierziekten

Dieren kunnen dierziekten oplopen als BSE, TBC, mond- en klauwzeer en Q-koorts. Ze worden voor de slacht op deze ziekten gecontroleerd en zo nodig vernietigd. Vlees in de handel is daarom veilig.

Hormonen

Door vee kunstmatige of natuurlijke hormonen toe te dienen, kan de productie van vlees worden vergroot. De Europese Unie (EU) heeft dat verboden, omdat het toedienen van hormonen gezondheidsrisico’s kan hebben voor de consument. Ook mogen de met hormonen geproduceerde producten niet in de EU worden ingevoerd en verkocht.

De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) ziet toe op hormoongebruik. In de Verenigde Staten en andere delen van de wereld is hormoongebruik voor een grotere vleesopbrengst wel toegestaan.

Antibiotica

Varkens, kippen, kalkoenen of runderen krijgen antibiotica om infecties te voorkomen en te bestrijden.

Voedingsadvies

Vlees vormt in Nederland een onderdeel van een gezond voedingspatroon en is daarom opgenomen in de Schijf van Vijf. 

Aanbevolen dagelijkse hoeveelheid

Vlees is een bron van B-vitamines, ijzer en eiwit. De aanbevolen hoeveelheid voor vlees, vleeswaren, vis, kip, eieren en vleesvervangers bij elkaar bedraagt voor volwassenen in totaal 100 tot 125 gram  per dag. 

De Schijf van Vijf voor jou geeft adviezen gebaseerd op leeftijd en geslacht. 

De Schijf van Vijf voor jou:

Aanbevolen dagelijkse hoeveelheden

Ik ben een: Mijn leeftijd is 

Wissel vlees af 

Het is gezond en vaak ook duurzaam om gevarieerd te eten. Wissel daarbij vlees af met andere eiwitbronnen, zoals als vis, ei, vleesvervangers en peulvruchten.

Er zijn veel verschillende vleesvervangers op de markt, maar ze bevatten niet allemaal de onmisbare voedingsstoffen uit vlees en vis. Geschikte vleesvervangers bevatten naast ijzer en eiwit ook vitamine B12 en/of B1. 

De gezondere keus

Vette vleessoorten bevatten relatief veel verzadigd vet. Veel verzadigd vet in de voeding verhoogt het risico op hart- en vaatziekten. Kies daarom bij voorkeur voor magere vleessoorten. Die bevatten ook minder calorieën. 
Wees matig met het gebruik van zout bij de bereiding van vlees. In kant-en-klare vleesproducten zit vaak al veel zout. Van te veel zout krijg je een hoge  bloeddruk. Het risico op hart- en vaatziekten neemt daarmee toe. 

In de keuzetabel zijn de vleessoorten ingedeeld in 3 categorieën, 'voorkeur', 'middenweg' en 'uitzondering'. De gezondste producten staan bij voorkeur. 

Vegetarisch eten

Het kan prima om helemaal geen vlees en vis te eten, als je goede vervangers en andere voedingsmiddelen eet. Deze vervangers heb je als vegetariër nodig om voldoende ijzer, vitamine B1 en B12 binnen te krijgen. Bij mensen die helemaal geen dierlijke producten (vlees, vis, eieren en zuivel) gebruiken, zoals veganisten, is er een grote kans op een tekort aan vitamine B12. Veganisten kunnen als alternatief vitamine B12 uit supplementen halen.

Adviezen tijdens de zwangerschap

Zwangere vrouwen kunnen beter geen rauw vlees eten. Zij zijn gevoeliger voor een voedselinfectie. De parasiet toxoplasma gondii in rauw vlees kan een miskraam of vroeggeboorte veroorzaken. Verhit vlees is geen probleem.

Te veel vitamine A kan schade aan het ongeboren kind veroorzaken. Zwangere vrouwen mogen daarom niet meer dan 3.000 microgram vitamine A per dag binnenkrijgen. Het gaat om vitamine A uit dierlijke producten en supplementen. Omdat in lever veel vitamine A zit, is het beter dit tijdens de zwangerschap niet te eten. 

Veilig vlees klaarmaken

Vlees bakken doodt de bacteriën, maar op rauw vlees zijn ze nog schadelijk. Met de volgende adviezen voorkom je dat ziekteverwekkers zich verspreiden: 

  • Was je handen voordat je gaat koken en nadat je rauw vlees hebt aangeraakt
  • Was je keukengerei direct na gebruik met heet water en afwasmiddel. 
  • Prik niet met hetzelfde bestek in rauw vlees en daarna in gaar eten. 
  • Gebruik nooit hetzelfde keukengerei voor rauw vlees en gaar eten. 
  • Bak kip, gehakt en kleine stukjes vlees door en door gaar om bacteriën te doden. 
  • Let op bij oververhitting: vlees kan er van buiten gaar uitzien, terwijl het van binnen nog rauw is. 
  • Vlees uit één stuk van rund of varken, zoals biefstuk, mag van binnen nog rosé zijn, omdat de meeste bacteriën altijd aan de buitenkant van het vlees zitten. Kip moet altijd goed doorbakken zijn.

Rauw vlees eten

Sommige vleessoorten worden bewust rauw gegeten of niet door en door verhit. Voorbeelden zijn tartaar en filet américain. Eet geen rauwe kip of varken. Deze vormen een extra risico voor ziekteverwekkers.  

Voor kip en  vlees (zoals gehakt of worst) geldt: Verhit het door en door voordat je het opeet om voedselinfecties te voorkomen. Uitzondering hierop is vlees uit één stuk van runderen en varkens (varkenshaas, biefstuk) Deze delen hoeven niet volledig doorbakken te zijn maar kunnen rosé worden gegeten.

Jonge kinderen, ouderen, mensen met een verminderde weerstand en zwangere vrouwen wordt afgeraden rauw vlees te eten, zoals tartaar en carpaccio. Dit zijn risicovolle producten. Deze kwetsbare groepen kunnen hun vlees het beste altijd goed doorbakken.

Eet geen vlees dat niet  goed verhit is. Je kunt dan besmet raken met de ESBL- of MRSA-bacterie

Rood vlees eten 

Rood vlees is vlees van rund, varken, geit en schaap. Meer dan 500 gram per week aan rood vlees eten verhoogt waarschijnlijk  het risico op darmkanker. De reden hiervoor is dat rood  vlees heemijzer bevat dat verantwoordelijk is voor het transport van zuurstof in ons bloed. Heemijzer kan het ontstaan van nitrosaminen bevorderen. Nitrosaminen zijn mogelijk kankerverwekkend.

Eet daarom niet meer dan 500 gram (bereid gewicht) rood vlees per week om darmkanker te voorkomen. Als je gevarieerd eet, dan blijf je onder de veilige norm.

Etiket

Eisen ten aanzien van etikettering zijn vastgelegd in de Warenwet etikettering. Kijk naar het online etiket voor meer uitleg over de verschillende onderdelen van het etiket.

Hoeveel vet zit er in vlees?

Volgens de Warenwet moet vlees (eventueel met toevoegingen) aan een aantal eisen voldoen. Deze eisen maken het makkelijk om te zien hoeveel vet er maximaal in een product zit:

  • Gehakt: niet meer dan 25% 
  • Mager gehakt: niet meer dan 15%
  • Tartaar: niet meer dan 10% 
  • Gehakte biefstuk, zoals Duitse biefstuk: niet meer dan 6% 
  • Magere vleesproducten: niet meer dan 20% 

In de Europese wet Voedselinformatie staan ook nieuwe Europese eisen voor het vetgehalte van ‘gehakt vlees’ en ‘mager gehakt vlees’. ‘Gehakt vlees’ is hier vlees zonder been, dat in kleine stukken is gehakt, en dat minder dan 1% zout en geen toevoegingen bevat. Op het etiket staat dan ook de term ‘gehakt vlees’. Dit is niet het gehakt zoals dat in Nederland bekend is. In Nederland bevat gehakt vaak wel toevoegingen of zout en kruiden en het wordt het bijna nooit als ‘gehakt vlees’ verkocht. Voor het Nederlandse gehakt gelden deze Europese eisen dan ook niet, maar gelden de eisen voor gehakt zoals gesteld in de Warenwet. 

Producten op basis van vlees, zoals vleeswaren, worst, hamburgers moet de voedingswaarde en dus ook het vetgehalte op het etiket staan. Deze verplichting geldt niet voor onverpakte producten zoals vers vlees zonder toevoegingen.

Mededelingen op de verpakking

De Warenwet geeft ook regels over wat er op de verpakking mag staan:

  • De aanduiding ‘half om half’: dit mag alleen worden gebruikt voor gehakt dat voor de ene helft van runderen en voor de andere helft van varkens afkomstig is.
  • Tartaar: mag alleen van rundvlees worden gemaakt.
  • Toegevoegd eiwit: wanneer vleesproducten eiwitten bevatten van een andere dierlijke oorsprong, dan moet dit in de naam van het levensmiddel staan.
  • Plakvlees: wanneer een vleesproduct de indruk geeft dat ze uit één stuk bestaat, maar in werkelijkheid uit verschillende stukken bestaan, dan moet op het etiket staan ‘samengesteld uit stukjes vlees’.
  • Gebruiksaanwijzing pluimveevlees: in verband met de mogelijke bacteriële besmetting van kip moet op de verpakking altijd een waarschuwing voor de bereiding van rauwe kip staan. Deze waarschuwing is: ‘Let op: geef schadelijke bacteriën geen kans. Zorg daarom dat deze bacteriën niet via de verpakking, uw handen of het keukengerei in uw eten terechtkomen. Maak dit vlees door en door gaar om deze bacteriën uit te schakelen’.

Water in vlees

Aan ham en kipfilet kan water worden toegevoegd, bijvoorbeeld om het malser of zwaarder te maken. Daarbij worden andere ingrediënten of hulpstoffen toegevoegd om het water binden. Vaak worden eiwitten uit bijvoorbeeld rundvlees of fosfaten gebruikt, zoals E450, E451 en E407. Dit moet op het etiket staan.

Het toevoegen van water en waterbinders aan vlees en kip is toegestaan. Wanneer er meer dan 5% water is toegevoegd aan een vleesproduct dat eruit ziet als een lap of een plak, dan moet dit op de verpakking staan als ‘toegevoegd water’. Wie geen vlees of kip wil waaraan water is toegevoegd, moet dus letten op het etiket of naar de samenstelling vragen bij de verkoper.

Herkomst

Waar vlees vandaan komt is te zien op het etiket van rund- en kalfsvlees. Deze informatie wordt ook verplicht op het etiket van kippen-, varkens-, schapen- en geitenvlees. Het is alleen nog niet helemaal duidelijk hoe. 

Bij rund- en kalfsvlees moet staan in welk land het dier is geboren, waar het is grootgebracht en waar het is geslacht. Dit is niet verplicht voor gehakt, worst, gekookt of gebakken rundvlees en rundvlees verwerkt in gekruid vlees. omdat dit vlees uit meerdere dieren kan bestaan.
 
Op alle vleesproducten moet wel een ovale afbeelding staan met een afkorting van het land waar de verwerker is gevestigd. Dit geeft aan waar de laatste bewerking heeft plaatsgevonden, niet waar het product vandaan komt.

Keurmerken

Aan bepaalde keurmerken is te zien hoe het dier heeft geleefd. Als er een van die keurmerken op het etiket staat, betekent dat dat dieren onder beter omstandigheden geleefd hebben. 

Daar hangt wel een prijskaartje aan. De kosten voor de veehouder zijn hoger, bijvoorbeeld omdat de dieren meer ruimte krijgen, voer een betere kwaliteit heeft en ze langer leven. Daarom zijn deze producten vaak duurder dan gangbare vleesproducten. 

Bekende keurmerken, met extra eisen op het gebied van milieu en dierenwelzijn, op vlees zijn:

Daarnaast zijn er beeld- en kenmerken die extra aandacht schenken aan dierenwelzijn, zoals: Volwaard kip, Jumbo Bewust, Peter's Farm, France Limousin en het  Beter Leven kenmerk van de Dierenbescherming.

Duurzaamheidsaspecten

Klimaat

De productie van vlees heeft veel invloed op het klimaat vergeleken met andere producten. Vee heeft veel voer nodig: voor elke kilo vlees is 2 tot 10 kilo voer nodig. De productie van voer kost water, land en energie. 

Ook zorgt de veeteelt voor mest en broeikasgassen. Naast productie heeft ook het vervoer, bewerken, opslaan en verpakken van vlees invloed op het klimaat. 

Van alle vleessoorten heeft kippenvlees het minste invloed op het klimaat, rundvlees het meest. Varken zit daar tussenin. Kippen eten minder en zetten het voer efficiënt om in ei of vlees. Kippen leven verder minder lang, waardoor ze ook minder mest produceren. 

Vleesvervangers als ei, noten, vegetarische burgers en tofu bevatten dezelfde voedingsstoffen als vlees, maar de productie heeft minder invloed op het klimaat.

Ontbossing

De toenemende vraag naar vlees leidt onder meer tot een grotere vraag naar soja voor voer. De productie van soja is in verband gebracht met ontbossing en het verdwijnen van regenwoud, vooral in Brazilië en Argentinië. 

Dierenwelzijn

Dierenwelzijn betekent dieren zo houden dat ze in een omgeving leven waarin ze hun soorteigen gedrag kunnen tonen. De Boodschappenhulp Dierenwelzijn helpt je met kiezen voor vlees waarbij rekening gehouden is met het leven van het dier.

Voedingskenmerken

Voedingswaarden
Gegevens per 100 g / ml (bron: NEVO)
Energie
Energiewaarde in kJ583 kJ
Energiewaarde in kcal139 kcal
Vet
Vet totaal6,3 g
Vetzuur
Vetzuren verzadigd1,8 g
Vetzuren trans0,1 g
Vetzuren enkelvoudig onverzadigd cis1,9 g
Vetzuren meervoudig onverzadigd1,4 g
Vetzuren n-3 meervoudig onverzadigd cis0,2 g
Vetzuren n-6 meervoudig onverzadigd cis1,2 g
Linolzuur1,1 g
ALA0,08 g
EPA0,02 g
DHA0,05 g
Vezel
Voedingsvezel0,0 g
Eiwit
Eiwit totaal20 g
Eiwit plantaardig0 g
Vitamines
Vitamine B20,11 mg
Vitamine C0 mg
Retinol act equivalent11 µg
Vitamine D0,4 µg
Vitamine E0,6 mg
Vitamine B10,07 mg
Vitamine B120,20 µg
Vitamine B60,411 mg
Folaat equivalenten11,0 µg
Nicotinezuur7,8 mg
Beta-caroteen0 µg
Overigen
Alcohol0 g
Water74 g
Cholesterol20,0 mg
Koolhydraten
Koolhydraten0,0 g
Polyolen0,00 g
Mono- en disacchariden0,0 g
Polysacchariden0,0 g
Natrium/zout
Natrium0,092 g
Zout0,230 g
Mineralen
Kalium287 mg
Magnesium25 mg
Calcium10 mg
Fosfor156 mg
IJzer0,8 mg
Selenium18 µg
Jodium6 µg
Koper0,03 mg
Zink1,37 mg
sluit venster
Informatie over bewaren, bereiden en duurzaam eten
Bewaren
Bewaartijd in koelkast (dagen)2
Bewaartijd in diepvries (maanden)9
sluit venster