In de Schijf van Vijf staan productgroepen die het risico op chronische ziekten verminderen [1, 2] en/of die in Nederland een belangrijke bijdrage leveren aan het voorzien in essentiële voedingsstoffen. [3] Individuele producten in deze groepen staan niet in de Schijf van Vijf als ze te veel verzadigd vet, zout of suiker bevatten of te weinig vezel. Om te bepalen wanneer dat geldt, zijn criteria opgesteld. Het doel van deze criteria is dat producten worden ingedeeld in de Schijf van Vijf.
Basis voor productkeuze
Het is in ieder geval de bedoeling dat de producten die gezond zijn bevonden in de Richtlijnen goede voeding 2015 en Richtlijnen goede voeding: eiwitbronnen en voedingspatronen 2025 in de Schijf van Vijf komen. De gezondheidseffecten van voedingsmiddelen die zijn beschreven in de Richtlijnen goede voeding, zijn gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek. Het gaat hier dan om bijvoorbeeld positieve gezondheidseffecten van groente, fruit en peulvruchten. Verder bewerkte producten zoals fruitrolletjes van gedroogd fruitpuree of peulvruchtenpasta waren geen onderdeel van de evaluatie. Bij productgroepen waar dit relevant is, zullen we daarom ook ingaan op mate van bewerking en aangeven tot welke bewerkingsgraad producten volgens ons kunnen bijdragen aan de inname van de specifieke productgroep.
Ook producten die met hun gehalte aan voedingsstoffen bijdragen aan het halen van de voedingsnormen passen in de Schijf van Vijf. Het doel van de criteria is niet gericht op productverbetering van producten die niet in de Schijf van Vijf staan. Productverbetering juichen we uiteraard toe, maar hiervoor zijn andere instrumenten zoals de Nationale Aanpak Productverbetering. Ook formuleren we op productniveau geen criteria op duurzaamheid en veiligheid. Duurzaamheids- en veiligheidsaspecten worden vastgesteld op basis van het hele voedingspatroon. Lees meer over hoe we duurzaamheid en voedselveiligheid meenemen. Wel worden per productgroep eventueel aanvullende adviezen gegeven op het gebied van duurzaamheid en veiligheid.
Strikte indeling
De indeling in ‘wel in de Schijf van Vijf’ en ‘niet in de Schijf van Vijf’ resulteert in een zwart-wit oordeel over een product. We weten natuurlijk dat één product nooit gezond of ongezond kan zijn. Het gaat om het hele voedingspatroon.
Toch willen we producten wel indelen binnen of buiten de Schijf van Vijf. Dit helpt mensen bij het kiezen van wat ze eten en drinken. Het geeft houvast, om niet te veel zout, verzadigd vet of suiker binnen te krijgen. En om voldoende vezels te eten.
Welke grens we ook stellen, er is altijd wel een product dat nét niet voldoet aan de criteria. Dat is een gegeven. Het vaststellen van het precieze criterium is vaak een combinatie van beschikbare voedingswaarden, wettelijke normen, de beschikbaarheid voor de consument en discussie tussen experts. We maken zo onderbouwde keuzes voor onze criteria.
Gebruik van criteria
Criteria worden onder andere gebruikt om consumenten feedback te geven over een product via apps en tools zoals de ‘Kies Ik Gezond?’-app, de Staat dit in de Schijf-tool of de app Mijn Eetmeter. Verder gebruiken we de criteria voor het opstellen van recepten en het (product)aanbod in eetomgevingen.
Een belangrijk aandachtspunt bij het gebruik van criteria is dat een gezond voedingspatroon niet wordt bepaald door het oordeel van één specifiek product. Een product dat volgens de criteria te veel zout bevat, en daarmee niet in de Schijf van Vijf staat, kan prima passen in een gezond voedingspatroon van iemand met een lage zoutinname.
En als iemand alleen maar Schijf van Vijf-producten eet en drinkt, heeft diegene niet per se een gezond voedingspatroon. Het kan bijvoorbeeld te eenzijdig zijn als niet voldoende uit de verschillende vakken van de Schijf van Vijf wordt gegeten en gedronken, of te veel van dezelfde producten. Een gezond en gevarieerd voedingspatroon bestaat bij voorkeur wel vooral uit producten die in de Schijf van Vijf staan, maar daarnaast is ook ruimte voor producten die niet in de Schijf van Vijf staan.
In onze communicatie geven we vaak meer generiek aan of een product voldoet aan de criteria van de Schijf van Vijf. Hierbij kan het voorkomen dat een individueel product op een andere indeling uitkomt. Bijvoorbeeld: mozzarella wordt in het algemeen ingedeeld in de Schijf van Vijf op basis van de gemiddelde samenstelling volgens NEVO. Maar niet alle soorten mozzarella voldoen aan de criteria. Voor een meer generieke vermelding moet zo’n product voor de consument wel voldoende beschikbaar zijn. Dat is een inschatting op basis van de Levensmiddelendatabank. Als de beschikbaarheid toe- of afneemt, kan dat een reden zijn om de generieke vermelding van zo’n product te veranderen.
Gegevensbronnen en evaluatie van criteria
Criteria zijn niet in beton gegoten. Er worden over de tijd steeds nieuwe producten ontwikkeld en er komen nieuwe of meer gegevens beschikbaar over de samenstelling van producten. Daarom evalueren we op regelmatige basis of onze criteria nog aanpassing nodig hebben. Ook nieuwe wetenschappelijke consensus, zoals nieuwe richtlijnen van de Gezondheidsraad kunnen aanleiding zijn voor het aanpassen van criteria.
Bij het vaststellen van productcriteria in 2016 hebben we gebruik gemaakt van gegevens uit het Nederlands Voedingsstoffenbestand 2013 (RIVM), aangevuld met andere bronnen, zoals informatie op verpakkingen, gegevens uit de herformuleringsmonitor (RIVM), portie-online (RIVM) of onderzoek van de NVWA. [4]
Sinds 2016 zijn nieuwere en een grotere hoeveelheid gegevens beschikbaar gekomen. NEVO-online [5] heeft diverse updates gehad en we hebben nu beschikking over de Levensmiddelendatabank. In 2022 is de Nationale Aanpak Productverbetering gestart waarbij fabrikanten worden aangemoedigd de samenstelling van het productaanbod te verbeteren door het stellen van grenswaarden voor specifieke voedingsstoffen. Ook zijn sinds 2016 veel nieuwe (innovatieve) producten op de markt gekomen zoals peulvruchtenpasta, hybride zuivelproducten en visvervangers die we niet direct in een productgroep konden indelen.
De afgelopen jaren hebben we geëvalueerd of onze productcriteria aanpassing nodig hebben op basis van deze ontwikkelingen. Ook zijn experts geraadpleegd. Voor de meeste productgroepen was de conclusie dat de criteria nog steeds toereikend waren en geen aanpassing nodig was. Voor een aantal productgroepen zijn de criteria bijgesteld. In 2024 ging het om ontbijtgranen, vis, zuivelalternatieven en thee. In 2026 om brood, peulvruchten, zuivel en zuivelalternatieven, en kant-en-klare vegetarische producten. [4, 6]
Het beschikbaar komen van nieuwe inzichten en/of gegevens kan in de toekomst opnieuw aanleiding geven tot het aanpassen van criteria.
Algemene uitgangspunten voor criteria
Algemene uitgangspunten bij het opstellen van criteria zijn:
- Criteria stellen we op per productgroep. De consument kiest en denkt in productgroepen. Wanneer maar 1 set generieke criteria voor alle beschikbare producten zouden worden opgesteld, worden mogelijk hele productgroepen ingedeeld als niet in de Schijf van Vijf.
- Criteria worden opgesteld voor maximale hoeveelheden verzadigd vet, transvet of toegevoegd vet per product; zout/natrium; totaal suiker of toegevoegd suiker. En voor een minimale hoeveelheid aan voedingsvezel. Deze voedingsstoffen worden internationaal breed gehanteerd in verschillende beoordelingssystemen. [7-9] Verderop lichten we per voedingsstof toe waarom we hiervoor hebben gekozen en hoe we de criteria afleiden en toepassen.
- We willen met de criteria bereiken dat de consument niet te veel verzadigd vet, transvet, zout en suiker, en voldoende vezel binnenkrijgt.
- Numerieke criteria drukken we uit per 100 gram product. Daarmee zijn producten binnen een productgroep onderling goed te vergelijken. Bovendien ziet de consument op het etiket de samenstelling per 100 gram.
- Criteria worden toegepast op producten zoals gekocht door de consument.
- In bepaalde gevallen zijn voor peulvruchten en graanproducten criteria gesteld op het % peulvrucht en volkorengraan dat aanwezig moet zijn in het product. Dit om te borgen dat het product inderdaad bijdraagt aan de inname van peulvruchten en volkorengranen. Zo is bijvoorbeeld het criterium dat ontbijtgranen voor minimaal 50% uit volkorengranen bestaan.
- Samengestelde producten delen we in volgens de criteria van de productgroep waaraan ze worden toegekend.
- Maaltijden, belegde broodjes, salades en overige gerechten zijn een combinatie van twee of meer producten uit verschillende productgroepen die als ontbijt, lunch, hoofdmaaltijd of tussendoor worden gegeten. Hiervoor hebben we aparte adviezen opgesteld.
Per productgroep hebben we bij het opstellen van de criteria als dat relevant was, steeds onderstaande aspecten bekeken:
- De Richtlijnen goede voeding 2015 en 2025.
- De bewerkingsgraad. Dit is de mate waarin door de producent bewerkingen of toevoegingen zijn gedaan.
- Productgroepspecifieke aspecten en de samenstelling met betrekking tot verzadigd vet, zout, suiker en voedingsvezel.
- Eventuele wettelijke normen.
- De keuzemogelijkheden binnen een productgroep voor de consument.
- Aandachtspunten bij de advisering.
De overwegingen lichten we op de pagina Criteria per productgroep per productgroep verder toe.
Verzadigde vetzuren, transvetzuren, suiker, zout, vezel
E-nummers
In de wet staat welke additieven, oftewel E-nummers, gebruikt mogen worden, aan welke producten ze mogen worden toegevoegd, hoeveel en onder welke voorwaarden. [20] In het algemeen geldt dat als aan producten additieven zoals conserveermiddelen, zoetstoffen of emulgatoren toegevoegd zijn, dit geen invloed heeft op de indeling van het product als binnen of buiten de Schijf van Vijf.
Er gelden hierbij 2 uitzonderingen, namelijk bij de productgroepen vlees en dranken. Het advies van de Gezondheidsraad is om zo min mogelijk bewerkt vlees te eten, [2] en bewerkt vlees staat dan ook niet in de Schijf van Vijf. Als fabrikanten additieven toevoegen aan vlees kan dat ervoor zorgen dat we vlees indelen als bewerkt vlees. [21]
In de productgroep dranken staat, naast koffie en thee zonder suiker, alleen water in de Schijf van Vijf. Frisdranken staan niet in de Schijf van Vijf. Fabrikanten mogen een drank ‘frisdrank’ of ‘limonade’ noemen als er naast water ook suiker of zoetstoffen in zitten. [22] Als fabrikanten aan water zoetstoffen hebben toegevoegd, bijvoorbeeld aspartaam (E 951), sucralose (E 955) of steviolglycosiden uit Stevia (E 960a), dan delen we de drank in bij de groep frisdranken.
Water waar fabrikanten geen suiker of zoetstoffen aan hebben toegevoegd, maar alleen aroma’s of koolzuur (prik, koolstofdioxide E 290), delen we wel in bij de productgroep water.
Substitutiecriteria
Voor het opschuiven naar een meer plantaardig en minder dierlijk voedingspatroon geven wij de voorkeur aan het verschuiven naar een voedingspatroon met meer plantaardige producten zoals peulvruchten, noten en volkorengranen. De consumptie van deze producten heeft positieve gezondheidseffecten. [1, 2]
In het kader van de eiwittransitie en vermindering van de milieudruk adviseren we ook een deel van de zuivel te vervangen door een zuivelalternatief. En kan het af en toe gebruiken van kant-en-klare vegetarische producten consumenten helpen hun vleesconsumptie te verlagen. [2]
Kant-en-klare alternatieven voor dierlijke producten hebben eigen (substitutie) criteria nodig om ze te kunnen indelen binnen of buiten de Schijf van Vijf. Aan deze vervangers kunnen niet dezelfde gezondheidseffecten worden toegeschreven als de productgroep die ze vervangen. De gezondheidseffecten van de meeste kant-en-klare vegetarische producten en zuivelalternatieven zijn hiervoor onvoldoende onderzocht. [2]
Wel kunnen ze een bijdrage leveren aan de inname van een aantal voor een productgroep kenmerkende voedingstoffen, zoals eiwit en calcium bij zuivel. Voor kenmerkende voedingstoffen zijn substitutiecriteria geformuleerd voor zuivelalternatieven, kaasalternatieven en kant-en-klare vegetarische producten. Visvervangers staan vooralsnog niet in de Schijf van Vijf.
Kenmerkende voedingsstoffen
Aandachtspunten bij substitutiecriteria
Biologische producten mogen volgens de wet niet worden verrijkt. [26] Biologische kant-en-klare vegetarische producten en zuivelalternatieven kunnen daardoor niet aan onze criteria voldoen en staan niet in de Schijf van Vijf. Om biologische producten te kunnen indelen in de Schijf van Vijf, is aanpassing van de wetgeving nodig.
Er is verder weinig bekend over de opname door het lichaam van toegevoegde microvoedingsstoffen aan alternatieven, en in het bijzonder in de context van een meer plantaardig voedingspatroon. De Gezondheidsraad beveelt aan onderzoek hiernaar te stimuleren. [27]
Ook is weinig kennis over milieudruk en duurzaamheidsaspecten van verrijking van producten en voedingssupplementen. Het winnen van nutriënten en synthetiseren van supplementen heeft effecten op mens en milieu, doordat ze geproduceerd, verpakt en vervoerd moeten worden bijvoorbeeld. Om dit mee te kunnen nemen in de afweging moet hier goed inzicht in worden verkregen. Deze kennis is nu nog (te) beperkt.
Uitzonderingen bij toepassen van criteria voor indeling van producten
Voor het indelen van producten naast of in de Schijf van Vijf worden binnen productgroepen voor bepaalde voedingsstoffen numerieke criteria gebruikt, zoals voor de hoeveelheid suiker, zout en vezels. Maar soms zorgt dit ervoor dat specifieke producten onbedoeld niet in de Schijf van Vijf zouden passen.
Een voorbeeld is roggebrood dat van nature een hoger suikergehalte heeft dan het criterium dat geldt voor brood in het algemeen. Het is geen goede oplossing het suikercriterium voor al het brood te verhogen tot het niveau van roggebrood, want daarmee zou veel brood met een grote hoeveelheid toegevoegd suiker in de Schijf van Vijf komen. Roggebrood krijgt daarom een uitzondering. In sommige gevallen en voor individuele producten kunnen we dus afwijken van de productgroepspecifieke criteria.
Naast numerieke criteria worden binnen productgroepen ook andere criteria gehanteerd, zoals ‘geen toegevoegd zout’ en ‘geen toegevoegd suiker’. Om de indeling van producten in of niet in de Schijf van Vijf binnen de Levensmiddelendatabank van het Voedingscentrum zoveel mogelijk te automatiseren, worden deze criteria wel omgezet in numerieke afkappunten. De niet-numerieke criteria blijven echter altijd leidend. Als producten onterecht wel of niet in de Schijf van Vijf worden ingedeeld door deze numerieke afkappunten in de Levensmiddelendatabank, dan passen we dit handmatig aan.
Bekijk onze toelichting op de indeling en de afkappunten die worden gebruikt binnen de Levensmiddelendatabank.