Voedingscentrum.nl maakt gebruik van cookies. Waarom? Lees onze uitleg.
Encyclopedie

De Voedingscentrum Encyclopedie is de kennisbank van het Voedingscentrum. Je vindt er inhoudelijke informatie over allerlei onderwerpen.

Je kunt op 2 manieren zoeken naar onderwerpen in de encyclopedie: via het zoekveld en via het alfabet.

Nieuw
Populair
Ga naar
 

Ondervoeding

Ondervoeding ontstaat als iemand een langere tijd minder energie of voedingsstoffen binnen krijgt, dan nodig is om gezond te blijven.

Ondervoeding kan ontstaan doordat iemand te weinig eet of extra energie en voedingsstoffen verbruikt. Het probleem speelt vooral bij zieken en ouderen. Ondervoeding kan ook komen door problemen met kauwen of slikken. 

Bij het signaleren van ondervoeding moet de huisarts worden ingeschakeld. Familieleden of verzorgers zien het gezondheidsprobleem over het algemeen eerder dan de patiënt zelf. 

Omschrijving

Bij ondervoeding heeft iemand een tekort aan energie of voedingsstoffen. Dat leidt vervolgens tot een lager gewicht en het slechter functioneren van het lichaam. Dit komt vooral door de afname van de spiermassa en een tekort aan eiwitten, essentiële vetzuren, vitamines en mineralen.

De grootste groepen die risico hebben op ondervoeding, zijn kwetsbare ouderen, chronisch zieken, mensen met kanker, mensen die een grote operatie ondergaan en mensen met een ernstig trauma. 

Oorzaken

Oorzaken van ondervoeding zijn:

  • verminderde voedselinname door een verminderde eetlust of misselijkheid.
  • moeilijkheden met kauwen, proeven, slikken of vertering. 
  • psychologische problemen, zoals angst, depressie, verdriet. Iemand heeft dan geen zin meer in eten. Een gevolg is het overslaan van maaltijden of kleinere porties nemen. 
  • sociale factoren, zoals eenzaamheid, geen mogelijkheid om eten te kopen of bereiden. 
  • dementie.
  • verslaving.

De belangrijkste risicofactor voor ondervoeding is ziekte. Door ziekte kan de behoefte aan voedingsstoffen ook hoger worden, zodat een normale voeding niet meer voldoende is.

Ondervoeding bij ouderen

Ouderen hebben een groter risico op ondervoeding, omdat ze vaker ziek zijn en minder bewegen. Bovendien hebben ouderen minder energie nodig dan toen ze jonger waren, waardoor het moeilijker kan zijn alle voedingstoffen met de voeding binnen te krijgen. 

Criteria

De eerste stap is vaststellen of iemand een verhoogde kans heeft op ondervoeding. Dit wordt met een screeningsinstrument vastgesteld. In Nederland wordt voor screening bijvoorbeeld de SNAQ of MUST gebruikt. Deze instrumenten gaan na of er sprake is van onbedoeld gewichtsverlies, ondergewicht en verminderde eetlust. 

Als iemand op basis van de screening een verhoogd risico op ondervoeding heeft, wordt vastgesteld of iemand ondervoed is. Hiervoor is in 2018 een consensus opgesteld. Iemand is ondervoed als hij minimaal voldoet aan de criteria van een van onderstaande kenmerken en oorzaken.

  Criteria voor ondervoeding
Een of meer van
deze kenmerken moet aanwezig zijn
Onbedoeld gewichtsverlies: 5% of meer onbedoeld gewichtsverlies in de afgelopen 6 maanden of 10% of meer onbedoeld gewichtsverlies in een periode van langer dan de afgelopen 6 maanden

Laag BMI*
Verminderde spiermassa

Een of meer van deze oorzaken moet aanwezig zijn
 

Tekort aan voedingsstoffen: 1 week meer dan 50% minder gegeten hebben dan de energiebehoefte of meer dan 2 weken verminderde inname of opname of een chronische maagdarmaandoening die inname of opname negatief beïnvloedt

Ziekte of inflammatie (ontsteking): acute ziekte of trauma of chronische aan ziekte gerelateerde inflammatie 

* Een laag gewicht is vast te stellen met de Body Mass Index (BMI). Voor volwassenen tot 70 jaar geldt dat ze een laag gewicht hebben met een BMI van minder dan 20. Ouderen (70+) hebben een laag gewicht bij een BMI van minder dan 22 Voor Aziatische mensen is dit bij een BMI van 18,5 voor mensen jonger dan 70 jaar en 20 bij mensen van 70 jaar en ouder.

Als iemand op basis van bovenstaande criteria ondervoed is, wordt vervolgens de ernst van de ondervoeding vastgesteld. Ook personen met een gezond gewicht of overgewicht kunnen ondervoed zijn. Bij acuut verlies van voedingsstoffen door braken of diarree kan de voedingstoestand snel verslechteren, vooral als er ook een toegenomen energiebehoefte is door ziekte of koorts.

Kinderen

Voor kinderen gelden er andere afkapwaarden. De arts zal gebruik maken van groeicurves om ondervoeding bij een kind vast te stellen.

Gezondheidseffecten

Ondervoeding heeft een grote invloed op de gezondheid. De gevolgen zijn onder andere:

  • langzamer herstel na een operatie of ziekte
  • meer en ernstigere complicaties na een operatie
  • vertraagde wondgenezing
  • verhoogde kans op doorligwonden (decubitus)
  • verminderde werking van het afweersysteem
  • verminderde spiermassa
  • verminderde hart- en longcapaciteit
  • lagere kwaliteit van leven
  • verhoogde kans op overlijden

Vaststellen van ondervoeding

Het is van groot belang om bij het vermoeden van ondervoeding direct de huisarts in te schakelen. Dat gebeurt vaker door familie, kennissen of verzorgenden (mantelzorgers), dan door de patiënt zelf. 

Voedingsadvies

Bij de behandeling van ondervoeding wordt de nadruk gelegd op voldoende inname van eiwit en energie. Daarnaast is beweging een essentieel onderdeel van de behandeling om de spiermassa te behouden. Op de pagina Gezond aankomen staan adviezen voor mensen met ondervoeding. Deze pagina is een extra hulpmiddel, daarnaast is het inschakelen van een huisarts nog steeds belangrijk. 

Afhankelijk van de ernst van de ondervoeding kan met een arts en/of diëtist een keuze gemaakt worden voor energie- en eiwitverrijkte voeding, eventueel aangevuld met vitamine- en mineralensupplementen, extra drinkvoeding of volledige drink- of sondevoeding.

Meer informatie

Stuurgroep Ondervoeding: www.stuurgroepondervoeding.nl

Goed gevoed ouder worden

Meld je aan voor onze nieuwsbrief

Ontvang elke 2 weken tips en nieuwtjes over gezond, duurzaam en veilig eten in je mailbox.