Voedingscentrum.nl maakt gebruik van cookies. Waarom? Lees onze uitleg.
Encyclopedie

De Voedingscentrum Encyclopedie is de kennisbank van het Voedingscentrum. Je vindt er inhoudelijke informatie over allerlei onderwerpen.

Je kunt op 2 manieren zoeken naar onderwerpen in de encyclopedie: via het zoekveld en via het alfabet.

Nieuw
Populair
Alles over afvallen
Op een gezonde manier afvallen met langdurig... Bestel nu € 12,95
Ga naar
 

Aanvaardbare dagelijkse inname (ADI)

Stoffen die niet van nature in voeding voorkomen, maar daar bewust aan worden toegevoegd, hebben een aanvaardbare dagelijkse inname (ADI). Het gaat bijvoorbeeld om E-nummers, diergeneesmiddelen en bestrijdingsmiddelen. De ADI is de hoeveelheid van een stof die je levenslang elke dag binnen mag krijgen zonder dat dit slecht is voor je gezondheid.

Naast de ADI wordt voor diergeneesmiddelen en bestrijdingsmiddelen ook een acute referentie dosis (ARfD) vastgesteld. Dat is een schatting van de hoeveelheid van een stof in voedsel of drinkwater die je binnen 24 uur kan innemen zonder noemenswaardige gezondheidseffecten. 

De maximale residu limiet (MRL) bepaalt hoeveel van een diergeneesmiddel of bestrijdingsmiddel  of er maximaal in een voedingsmiddel achter mag blijven.

Omschrijving

De aanvaardbare dagelijkse inname (ADI) is de maximale hoeveelheid van een stof die je levenslang dagelijks binnen mag krijgen zonder dat dit slecht is voor je gezondheid. 

Een ADI wordt vastgesteld voor alle stoffen die niet van nature in de voeding voorkomen, maar daar bewust aan worden toegevoegd, zoals E-nummers (toevoegingen), diergeneesmiddelen en bestrijdingsmiddelen. In de Europese Unie krijgt een nieuwe toevoeging pas een E-nummer nadat deze is goedgekeurd door de Europese Voedselveiligheids Autoriteit (EFSA).

Een ADI bestaat alleen voor stoffen waarvan is bewezen dat ze niet kankerverwekkend zijn. Stoffen met kankerverwekkende eigenschappen worden nooit toegestaan in voedsel of in de voedselproductie en zullen dan ook geen ADI krijgen.

Maat aanvaardbare dagelijkse inname (ADI)

De ADI staat meestal aangegeven in milligram per kilo lichaamsgewicht. Als de ADI heel klein is, staat het aangegeven in microgram. Omdat de ADI wordt aangegeven per kilogram lichaamsgewicht is de aanvaardbare dagelijkse inname voor lichte mensen en kinderen dus lager dan voor mensen die zwaarder zijn.

Bijvoorbeeld een persoon van 70 kilo mag van een toevoeging met een ADI van 40 milligram per kilo: 70 (kilo) x 40 (milligram) = 2,8 gram per dag binnen krijgen, terwijl een kind van 10 kg er maar 10 (kilo) x 40 (milligram) = 400 milligram per dag van binnen mag krijgen.

Bepalen van de ADI

Meestal zijn er dierproeven nodig om de ADI vast te stellen. Dieren krijgen verschillende hoeveelheden van de stof toegediend om zo de hoogste dosis te bepalen waarbij er geen negatieve effecten te zien zijn. Deze dosis wordt No Observed Adverse Effect Level (NOAEL) genoemd. 

Het NOAEL is slechts de basis voor de ADI. Voor mensen zou de stof schadelijker kunnen zijn dan voor dieren. Daarom wordt de NOAEL door 10 gedeeld. Maar ook de gevoeligheid tussen mensen verschilt. Denk hierbij aan ouderen, mensen met verminderde weerstand, zieken, zwangere vrouwen, baby’s en kinderen. Het getal wordt daarom nogmaals door 10 gedeeld. Bij elkaar is dit een extra veiligheidsmarge van 100. 

Zijn er bij dierproeven geen nadelige effecten te zien bij de hoogste dosis die is gegeven, en er zijn bij mensen geen negatieve gevolgen te verwachten, dan is er geen maximum voor de inname van deze stof. De ADI staat dan weergegeven als ‘onbeperkt’. 

Acute referentie dosis (ARfD)

Naast de ADI wordt voor bestrijdingsmiddelen en diergeneesmiddelen ook nog een acute referentie dosis (ARfD) vastgesteld. Dat is een schatting van de hoeveelheid van een stof in voedsel of drinkwater die je binnen 24 uur in 1 portie kan innemen zonder noemenswaardige gezondheidseffecten.

Maximale residu limiet (MRL) 

De maximale residu limiet (MRL) bepaalt hoeveel van een bestrijdingsmiddel of diergeneesmiddel er maximaal in een voedingsmiddel achter mag blijven. MRL’s worden vastgesteld op basis van 2 punten. Het eerste punt is dat de hoeveelheid niet schadelijk zijn voor de gezondheid. Het tweede punt is dat een boer niet meer van het middel mag gebruiken dan dat strikt noodzakelijk is om een ziekte of plaag goed te bestrijden. 

Het blijkt dat de hoeveelheden die boeren in de praktijk gebruiken om een ziekte of plaag goed te bestrijden, lager liggen dan de grens die wordt aangehouden voor de gezondheid van de mens. Door deze strenge eisen betekent het dat als de MRL niet wordt overschreden, de ADI en ARfD ook niet worden overschreden.    

Toelaatbare dagelijkse inname (TDI)

Voor stoffen die niet bewust aan voeding worden toegevoegd geldt een toelaatbare dagelijkse inname (TDI). Het gaat dan om milieuverontreinigingen zoals dioxines, pcb’s, zware metalen en natuurlijke gifstoffen.  

Meld je aan voor onze nieuwsbrief

Ontvang elke 2 weken tips en nieuwtjes over gezond, duurzaam en veilig eten in je mailbox.