Voedingscentrum.nl maakt gebruik van cookies. Waarom? Lees onze uitleg.
Menu
Zoek

Beweegspellen over eten

Sportief aan de slag met voeding? Dat kan met deze actieve spellen voor kinderen. Je kunt ze binnen of buiten doen. Laat je inspireren.

Gaan met die banaan (alle leeftijden)

Wat weten kinderen over hun eten? Met dit spannende spel rennen kinderen naar de goede antwoorden. Wie verdient de meeste punten?

Benodigdheden

Markeer met het krijt, de pionnen of matjes drie vakken op de grond minstens 5 meter uit elkaar. Geef de vakken de letters A, B en C. Laat de kinderen aan de overkant staan en verdeel de kinderen over drie teams. De bedoeling is dat per team één speler per vraag rent. De spelers van de teams gaan dus in een rijtje achter elkaar staan. Bij vraag 1 rent van elk team de eerste speler, bij vraag 2 de tweede, etc. 

De andere spelers kunnen helpen bij het bedenken van het juiste antwoord. Per vraag rennen dus drie kinderen naar de antwoordmogelijkheden aan de overkant. Lees de vragen met antwoorden voor. Roep daarna: “Gaan met die banaan!” De spelers moeten zo snel mogelijk naar het juiste antwoord rennen. Is het antwoord goed, dan heeft het team een punt verdiend. Het team dat de meeste punten heeft wint.

Actiever?

Je kan ook alle kinderen laten rennen, waarbij de kinderen die het goed hebben een punt verdienen. Welk team heeft uiteindelijk de meeste punten?
sluiten
Verbrand je energie (leeftijd 5+)

Hoe lang kun je hardlopen op een handje chips? Of op een gedroogde abrikoos? Met dit spel krijgen kinderen inzicht hoeveel brandstof er in hun eten zit.

Benodigdheden

  • Gedroogde abrikozen en verpakking
  • Chips
  • Fluitje en stopwatch
  • Pionnen, hoepels, matjes (materialen om parcours uit te zetten)
Zet twee dezelfde energieparcours uit. Verdeel de kinderen over twee teams. Geef elk kind een gedroogde abrikoos (ongeveer 3 gram). Deze mogen ze opeten. Leg uit dat je energie gebruikt als je beweegt. Laat de kinderen bedenken hoe lang ze ongeveer het parcours moeten lopen om de energie afkomstig van de abrikoos te verbranden. Laat de kinderen van beide teams nu om de beurt het parcours lopen. Blaas na 1 minuut op het fluitje. Vertel de kinderen dat de abrikoos ‘op’ is.

Doe nu hetzelfde met een handje chips (ongeveer 10 gram). Laat de kinderen de chips opeten. Hoe lang denken de kinderen dat ze nu het parcours moeten lopen om de energie afkomstig uit de chips te verbranden? De kinderen van beide teams rennen weer om de beurt door het parcours. Na 6 minuten blaas je op je fluitje. Hoe vaak heeft elk kind het parcours kunnen lopen? Vaker dan de eerste keer? Je moet langer rennen als je chips eet. Blijkbaar zit er dus meer energie in een handje chips, dan in een abrikoos.

Maak er een wedstrijd van

Het team waarvan de kinderen het parcours het vaakst hebben gelopen, heeft de meeste energie gebruikt en het spel gewonnen. 

Achtergrondinformatie

Eten en drinken geeft je lichaam de nodige energie om te kunnen functioneren en bewegen. Je blijft op gewicht als er balans is tussen de hoeveelheid energie uit je eten en drinken en de hoeveelheid energie die je lichaam gebruikt.
 
sluiten
Tuinboon-Tikkie (leeftijd 6+)

Wat voor soorten rode, groene of paarse groenten en fruit bestaan er allemaal? 

Benodigdheden

  • Ruimte om te rennen

Voordat het spel begint, kiezen de kinderen een kleur, bijvoorbeeld ‘oranje’. De kinderen spelen tikkertje. Wordt iemand getikt, dan moet hij/zij bij jou een groente of fruit met die kleur noemen (bijvoorbeeld ‘mandarijn’). Is het goed dan mag je weer meedoen. Heb je het fout, dan ga je op de bank zitten. Kies telkens een nieuwe tikker en een andere kleur.

Variatie op dit spel

Voordat het spel begint, kiezen de kinderen twee kleuren, bijvoorbeeld ‘oranje’ en ‘groen’. De kinderen spelen tikkertje. Elk kind heeft twee levens. Wordt iemand getikt, dan is hij/zij een leven kwijt en moet het kind bij jou een groente of fruit met de eerste kleur noemen (bijvoorbeeld ‘mandarijn’). Noemt het kind een verkeerde groente of fruit of weet het het niet, dan moet het op de bank zitten. 

Is een volgende af, dan mag degene op de bank weer meedoen met het spel. Wordt een kind voor de tweede keer getikt, dan moet het bij jou een groente of fruit met de tweede kleur noemen (bijvoorbeeld ‘broccoli’). Als beide levens verspeeld zijn, is het kind af en blijft het op de bank zitten. Wie blijft er uiteindelijk over? 

Achtergrondinformatie

Groente en fruit zijn gezond. Ze leveren onmisbare voedingsstoffen, zoals vitamine C, vitamine A, foliumzuur, vezels en kalium. Eet je elke dag genoeg groente en fruit, dan verklein je het risico op hart- en vaatziekten en bepaalde vormen van kanker. Daarnaast helpen groente en fruit de bloeddruk verbeteren. De vezels uit groente en fruit zorgen voor een voldaan gevoel en een goede stoelgang.

sluiten
Vang je ontbijt (leeftijd 7+)

Aardappelen bij het ontbijt? Nee, da's niet lekker. Maar wat hoort dan wel bij het ontbijt? Beslis snel en ren naar de overkant.

Benodigdheden

  • Een grote open ruimte
Alle kinderen staan aan één kant van de ruimte. Om de beurt rennen drie kinderen naar de overkant. Twee vangers staan in het midden. Elk kind is een voedingsmiddel. Deze voedingsmiddelen wijs je ze toe. De vangers moeten bepalen welke voedingsmiddel(en) bij het ontbijt hoort. Deze moeten ze vangen voordat ze de overkant bereiken. 

Op jouw teken rennen de drie voedingsmiddelen naar de overkant. Hebben de vangers de juiste voedingsmiddelen voor het ontbijt gevangen, dan moeten twee nieuwe vangers in het midden staan. Hebben de vangers de verkeerde voedingsmiddelen gevangen, dan moeten ze blijven staan.

Verdeel bijvoorbeeld de volgende voedingsmiddelen over de drie renners (goede antwoorden zijn vetgedrukt):

Broodje kroket - kaas – chocolade / mandarijn - cake – banaan / aardappelen – havermoutpap - chocomel / lolly – halvarine – shoarma / glas melk – mayonaise – yoghurt / muesli ham – glas sinas /– volkorenboterham – spaghetti – tomatensoep / hamburger – koekje – glas water / sla appelstroop – taart / popcorn – komkommer – pizza / loempia – mueslibolthee / cola – volkoren cracker - bosbessen

Achtergrondinformatie

Ontbijten brengt je spijsvertering op gang en helpt je concentreren. Het stilt je honger waardoor je minder snel wil snoepen of snacken later in de ochtend. En het is een goed moment om veel vezels binnen te krijgen. Boterhammen, muesli, fruit: allemaal vezelrijke producten waarmee je jezelf een goede start geeft.

sluiten
Hinkel je fit (leeftijd 8+)

Welke voeding heb je nou echt nodig, om te groeien en wat is om te snacken? Met dit spel leren kinderen het onderscheid maken tussen voedingsmiddelen die je nodig hebt om te groeien, en extra’s die niet bijdragen aan je gezondheid en die je daardoor niet perse nodig hebt.

Benodigdheden

  • geen

De kinderen hinkelen allemaal door elkaar. Roep verschillende producten. De kinderen stoppen met hinkelen als het een product uit de Schijf van Vijf is en gaan door als het een extra is. Heeft iemand het fout, dan is hij/zij af en moet aan de kant gaan staan. De kinderen bedenken zelf nieuwe bewegingsvormen tijdens het spel, bijvoorbeeld de kikkersprong, knieheffen of huppelen.

Maak er een wedstrijd van

Laat de kinderen op een lijn aan één kant van de ruimte staan. Laat de kinderen naar de overkant hinkelen als het product een extra is. Zet een tikker in het midden om het extra uitdagend te maken. De tikker moet al hinkelend zoveel mogelijk kinderen proberen te tikken. Ben je getikt, dan moet je een rondje aan de kant gaan staan. Ook hierbij kunnen nieuwe bewegingsvormen ingezet worden. Kies telkens een nieuwe tikker.

Noem bijvoorbeeld de volgende voedingsmiddelen (producten uit de Schijf van Vijf zijn vetgedrukt):

Snoepreep – mueslibol – chocoladekoekje – druif kaasei – stukje taart – wortel – volkorenboterham (of bruine) – dropjes – glas cola - chips – appelglas water

Achtergrondinformatie

In de Schijf van Vijf staan basisproducten en geen extra's. Tussen de maaltijden door mag je best wel iets eten. Liefst kies je iets uit de Schijf van Vijf, zoals een stuk fruit, snackgroenten of een mueslibol. Soms kun je ook kiezen voor ’extra's’, als snacks, koek, snoep of gebak. Ze staan niet in de Schijf van Vijf, omdat ze meestal minder belangrijk zijn voor het leveren van voedingsstoffen. En er zitten relatief veel calorieën in. Het is dus slim om ze niet te vaak te eten en te letten op de portiegrootte. Hoeveel je tussendoor kunt eten, hangt af van je leeftijd en geslacht.

Bron: Smaaklessen
sluiten
Groter groeien (leeftijd 9+)

Je hebt eten nodig om te groeien. Maar niet al het eten helpt daarbij. Weet jij als snelste naar het eten met de meeste voedingsstoffen te rennen?

Benodigdheden

Markeer een groot vierkant. In het vierkant liggen 3 voorwerpen die in de Schijf van Vijf staan en 3 voorwerpen die extra’s uitbeelden. Plak of leg de afbeeldingen op de voorwerpen. Leg uit dat je voedingsmiddelen uit de Schijf van Vijf (gezonde voedingsmiddelen), zoals bruin of volkoren brood, nodig hebt om je gezond en fit te voelen en dat extra’s, oftewel voedingsmiddelen die niet in de Schijf van Vijf staan zoals koek, niet nodig zijn om je gezond en fit te voelen. Vertel de kinderen niet welke afbeeldingen voedingsmiddelen tonen die in de Schijf van Vijf staan en welke afbeeldingen de extra’s laten zien. Bepaal zelf of de kinderen naar de basisvoedingsmiddelen of naar de extra’s gaan rennen. 

Vier kinderen rennen om het vierkant. De andere kinderen staan aan de kant en moedigen aan. Op jouw teken rennen de kinderen naar de voedingsmiddelen uit de Schijf van Vijf of de voedingsmiddelen die niet in de Schijf van Vijf staan. Er mag maar één kind bij ieder voedingsmiddel staan. Let op: er zijn in totaal drie voedingsmiddelen waar de kinderen naartoe kunnen rennen. Ben je te laat of sta je bij het foute voedingsmiddel, dan ben je af en ga je aan de kant staan. Een nieuwe speler mag dan mee doen. Kies telkens nieuwe producten, zowel uit de Schijf van Vijf als erbuiten. 

Variatie op dit spel

Je kan ook een estafette doen. Verdeel de kinderen over meerdere teams en leg de afbeeldingen aan de overkant van de ruimte. Laat de nummers 1 van de teams zo snel mogelijk naar de overkant rennen, springen (kikkersprong), achteruit huppelen, of hinkelen om daar een gezond (of de ongezond) voedingsmiddel te pakken. Als nummer 1 terug is, tikt hij/zij de tweede van het team aan die dan mag vertrekken. Het team dat als snelste gezonde voedingsmiddelen aan de overkant heeft opgehaald wint.
Voorbeelden van producten (basisvoedingsmiddelen zijn vetgedrukt):

Banaan – zalm – boterham met plakjes aardbei – chips - chocolade – koekje
Stukje komkommer – bakje rauwkost bruin broodje 30+ kaas - drop – frikadel – glas ice-tea
Glas water – magere yoghurt met muesli – snoeptomaatjes - tompouce – blikje cola – chocolade croissant
Pompoen – glas halfvolle melk – rozijnen - glas ranja – peperkoek – kit kat 
Kipfilet – appel – kopje thee  - poffertjes – frites – flesje sportdrank 
Magere yoghurt – aardappelen – granaatappel – kersenbonbons – knoflooksaus - pepernoten

Achtergrondinformatie

In de Schijf van Vijf staan alle voedingsmiddelen die veel bouwstoffen leveren en laat zien hoe een gezonde voeding eruit ziet. Dus veel groente, fruit, volkorengraanproducten en plantaardige oliën en regelmatig vis en magere zuivel- en vleesproducten. Daarnaast bestaan er ook niet-Schijf van Vijf producten, zoals koek, snoep, gebak, fris- en alcoholische dranken. Deze staan niet in de Schijf van Vijf, omdat ze niet of niet genoeg essentiële voedingsstoffen leveren en geen positieve effecten hebben op de gezondheid.
sluiten
Tussendoor-trefbal (leeftijd 10+)
Welke producten kun je het beste tussendoor eten? Denk er met de kinderen over na tijdens een spannend potje trefbal.

Benodigdheden

  • Een zachte bal

Verdeel de kinderen over twee teams en markeer een trefbalveld (twee aan elkaar liggende vakken). De kinderen spelen trefbal. Het kind dat de bal heeft, moet voordat het gaat gooien een gezond product voor tussendoor roepen. Roepen ze niks, te laat of geven ze een fout antwoord, dan telt de worp niet.

Voorbeelden van gezonde producten voor tussendoor zijn:

Fruit (appel, peer, banaan, etc.), groente (cherrytomaatjes, komkommer, snoeppaprika’s, radijsjes, etc.), volkoren boterham, glas karnemelk, glas halfvolle melk, glas water, kopje thee.

sluiten