De woorden natrium en zout worden vaak allebei gebruikt. Natrium zit namelijk in zout. Voor volwassen geldt een advies om niet meer dan 6 gram zout ofwel 2,4 gram natrium per dag binnen te krijgen. Voor kinderen is dat minder.
In vrijwel alle voedingsmiddelen komt zout voor. Van nature of toegevoegd. De hoeveelheid zout die van nature in voedsel zit, is voldoende. Meer is dus niet nodig.
Ook eten we veel producten met ‘verborgen’ zout. Dat zijn producten waaraan extra zout is toegevoegd. Kies producten met zo weinig mogelijk ''verborgen''. Producten uit de categorie ''bij voorkeur'' bevatten doorgaans minder zout. Zo zijn voorkeurkaas en voorkeurvleeswaren minder zout dan andere soorten.
Vooral hartige extra’s kunnen erg zout zijn, zoals chips en zoutjes. Minder zoute extra’s zijn pelpinda’s, studentenhaver en ongezouten noten.
Kant-en-klaarmaaltijden zijn vaak zout. Kijk goed op het etiket goed en vergelijk de verschillende maaltijden. Helaas is dit niet gemakkelijk omdat vaak alleen het natriumgehalte per 100 gram erop staat. Zo reken je dit om naar zout: 1 gram natrium = 2,5 gram zout (= natriumchloride).
Stel: je kiest een kant-en-klare pizza van 500 gram. Op het etiket staat dat in de pizza 0,5 gram natrium per 100 gram zit, dus 2,5 gram natrium. In je pizza zit dus al ruim 6 gram zout.
| Maximale hoeveelheid zout per dag per leeftijdscategorie: |
|
|
| Leeftijd |
Maximale hoeveelheid zout per dag in grammen |
Maximale hoeveelheid natrium per dag in grammen |
| 0-6 maanden |
< 1 |
< 0,4 |
| 7-12 maanden |
1 |
0,4 |
| 1-3 jaar |
3 |
1,2 |
| 4-6 jaar |
4 |
1,6 |
| 7-10 jaar |
5 |
2 |
| 11-14 jaar |
6 |
2,4 |
| > 14 jaar |
6 |
2,4 |