Samenwerkingsverbanden
Het bevorderen van gezond, veilig en meer duurzaam eten kan alleen slagen met ondersteuning van professionals, het bedrijfsleven en de wetenschap. Het ondersteunen van professionals zoals diëtisten en medewerkers van GGD'en en consultatiebureaus betekent een grotere effectiviteit van de activiteiten van het Voedingscentrum. Bij het levensmiddelenbedrijfsleven geldt dat hoe gezonder het aanbod, hoe beter de doelstellingen van het Voedingscentrum bereikt worden.
Het Voedingscentrum zoekt voortdurend naar creatieve manieren om mensen te verleiden informatie over gezond, veilig en meer duurzaam eten op te nemen en een verantwoorde voedselkeuze te maken. Bij al deze initiatieven staat voorop dat de boodschap niet wordt beïnvloed door samenwerkingspartijen. Daarover worden vooraf duidelijke en strikte afspraken gemaakt.
Om de onafhankelijkheid te waarborgen, wordt bij samenwerkingstrajecten in eerste instantie samengewerkt met koepelorganisaties, zoals het Centraal Bureau Levensmiddelenhandel en de Federatie Nederlandse Voedingsmiddelenindustrie. Als er wordt samengewerkt met individuele bedrijven, dan zijn dat meestal meerdere bedrijven uit verschillende branches.
Bij de inhoud van de voorlichting staat echter altijd de wetenschappelijke consensus centraal. Daar waar er sprake zou kunnen zijn van potentiële belangenverstrengeling, worden duidelijke reglementen en gedragslijnen opgesteld die de onafhankelijkheid moeten waarborgen.
Het Voedingscentrum is lid van de Nederlandse Public Health Federatie (NPHF). Bezoek de website van de NPHF: www.nphf.nl.
De Gedragscode beschrijft de randvoorwaarden voor samenwerking met externe partijen. De code dient als een moreel kompas, een richtlijn waar het Voedingscentrum op aanspreekbaar wil zijn. Tevens dient de code als handvat voor discussie om te bekijken of een samenwerking past bij de positie en uitgangspunten van het Voedingscentrum.
Betrokkenheid bij het gezondheidslogo "Ik kies bewust"
Het Voedingscentrum heeft jaren gepleit voor initiatieven om gezonde producten in één oogopslag duidelijk herkenbaar te maken. Een goed voedingskeuzelogo stimuleert bovendien de industrie om bestaande producten te verbeteren en nieuwe producten te ontwikkelen die voldoen aan de criteria. Vanaf maart 2011 zijn de criteria van de Richtlijnen Voedselkeuze en die van het voedselkeuzelogo geharmoniseerd door een onafhankelijke wetenschappelijke commissie, waarin het Voedingscentrum is vertegenwoordigd. Hiermee is een vurige wens van het Voedingscentrum in vervulling gegaan. Want uniformiteit, eenduidigheid en een brede toepassing is in onze ogen – en die van de Gezondheidsraad – een essentiële randvoorwaarde om het ultieme doel te kunnen realiseren: een beter Nederlands voedingspatroon.