- Bewaar de afgekolfde melk bij een temperatuur van maximaal 4 °C maximaal 3 dagen in de koelkast;
- Vries de melk in kleine hoeveelheden in, bijvoorbeeld in ijsblokjeszakjes. Zo is de hoeveelheid moedermelk om te ontdooien gemakkelijker af te stemmen op de behoefte van je kind en gaat er zo min mogelijk melk verloren;
- Vries moedermelk die je langer dan 3 dagen wilt bewaren direct na het kolven in. Bij een temperatuur van -18 °C of lager kun je moedermelk maximaal 6 maanden bewaren.
Ontdooien
- Ontdooi de melk bij voorkeur van te voren in de koelkast;
- Heb je het sneller nodig, zet de melk dan onder de kraan die je van koud naar warm draait;
- Gebruik ontdooide moedermelk binnen 24 uur en vries het nooit opnieuw in. Gooi restjes weg.
Ontdooide moedermelk ruikt en ziet er vaak iets anders uit dan versgekolfde melk. Dit is normaal en heeft geen gevolgen voor de kwaliteit van de melk.
Opwarmen
- Afgekolfde melk verliest een aantal beschermende stoffen boven de 50 °C, zorg dus dat de melk niet te warm wordt.
- Warm moedermelk uit de koelkast op in een flessenwarmer, in een pannetje met warm water of in de magnetron. Zwenk de melk even tussendoor om de warmte goed te verdelen;
- Controleer altijd de temperatuur van de melk met een druppeltje op de binnenkant van je pols. Dan weet je zeker dat het niet te heet is.
- Wanneer je de magnetron gebruikt, verwarm de melk dan op een lage stand en zo kort mogelijk.
- Belangrijk: zwenk de melk altijd één of twee keer tussendoor als je de melk opwarmt in de magnetron. Doe dat nogmaals als de melk op temperatuur is. Zo zorg je voor een gelijkmatige verdeling van de warmte.