Logo voor de printversie
Datum: 11 maart 2009

Lood

Lood is een zwaar, zacht en buigzaam metaal met een helderblauwe kleur. Het wordt snel bruin als het in contact komt met zuurstof.



Lood werd gewonnen in loodertsmijnen, gesmolten in loodsmelterijen en onder meer gebruikt door drukkers om zetsel te maken. Ook zat er vroeger lood in verf. Verder werd lood gebruikt voor het inblikken van voedsel en werden er waterleidingen van lood gemaakt. Lood werd ook toegevoegd aan (auto)brandstof.



Inmiddels is het gebruik van lood sterk verminderd vanwege strengere regels.

Opname en giftigheid
Bronnen en normen
Lood-risico
Meer informatie

De opname en giftigheid van lood

Lood wordt via het maagdarmkanaal opgenomen in het lichaam. Dat gebeurt meer naarmate de voeding minder ijzer en calcium bevat. Calcium remt de opname van lood en blokkeert de opslag in het lichaam. Of calcium ook beschermt tegen lood wanneer het wordt ingeademd, is onbekend.

Lood dat door het lichaam is opgenomen, wordt voor het grootste gedeelte opgeslagen in de botten en verder in de nieren. Via de urine kan lood het lichaam weer verlaten.

Te veel lood

Bij dieren is zowel een tekort als een teveel aan lood schadelijk. Bij de mens zijn alleen de symptomen van een teveel aan lood bekend. Zo verstoort te veel lood het ijzergehalte in het bloed. Lood geeft de grootste risico’s op gezondheidsschade bij ongeboren baby’s en jonge kinderen (van 0 tot twaalf jaar). Bij (jonge) kinderen belemmert een hoge concentratie lood in het bloed de werking van de zenuwen, wat bijdraagt aan concentratieproblemen en verminderde intelligentie. Verder kan een langdurige blootstelling aan lood leiden tot een verhoogd risico op hoge bloeddruk.

Bronnen van lood en loodnormen

Via het milieu (o.a. via uitlaatgassen) komt lood terecht in vlees, niertjes, lever, vis, schaal- en schelpdieren, granen, bladgroenten (vooral boerenkool), aardappelen, fruit en zuivel. Een andere bron zijn loden drinkwaterleidingen. In de binnenstad van grote steden kunnen in spaarzame gevallen nog loden waterleidingen aanwezig zijn. Inmiddels heeft de VEWIN (Vereniging van Waterbedrijven in Nederland) bijna alle loden drinkwaterleidingen vervangen. In huizen van vóór 1940 kunnen nog loden leidingen voorkomen. Deze zullen de huiseigenaren zelf moeten vervangen. Aardewerk dat is geschilderd met loodhoudende verf en dat niet specifiek bedoeld is voor het gebruik in de keuken, kan ook bijdragen aan de opname van lood.

Aanvaardbare dagelijkse hoeveelheden

Voor lood zijn verschillende veiligheidsnormen vastgesteld: zowel voor de concentratie lood in het bloed (per liter, in microgrammen) als de concentratie lood per kilogram lichaamsgewicht. Bij deze concentraties is geen risico te verwachten. Volgens de Codex Alimentarius is de maximaal te tolereren dagelijkse hoeveelheid lood die iemand mag binnenkrijgen 3,57 microgram per kilo lichaamsgewicht. Voor een volwassene van zeventig kilo komt dat neer op 250 microgram per dag.



De Wereldgezondheidsorganisatie WHO hanteert als veiligheidsgrens 250 microgram per liter bloed. In de Verenigde Staten heeft de Food and Drug Administration (FDA) niveaus van loodconcentraties in het bloed vastgesteld die geen risico opleveren. Deze concentraties geven nauwkeurig aan hoeveel lood iemand binnen heeft gekregen en wat de mogelijke effecten op de gezondheid kunnen zijn. De maximale concentraties per liter bloed zijn vertaald naar zogenaamde TDI’s (tolereerbare dagelijkse innames in microgrammen per persoon per dag). Deze zijn onderverdeeld naar bevolkingsgroep. Daardoor ligt norm voor een volwassene een stuk hoger dan bij de Codex Alimentarius. De TDI is berekend door de laagste dosis lood die een negatief effect had bij proefdieren, te delen door tien.


Toegestane loodconcentraties in VS
microgram per liter bloed TDI

Volwassenen

300

750

Kinderen van een jaar

100

60

Kinderen van zeven jaar

100

150

Zwangere vrouwen

100

250

 

De Gezondheidsraad, het wetenschappelijk adviesorgaan van de regering, vindt dat er geen veilige loodconcentratie in het bloed te definiëren is. De Gezondheidsraad heeft daarom geen norm vastgesteld.

Wettelijke normen

In Nederland mag drinkwater 25 microgram lood per liter bevatten. De Wereldgezondheidsorganisatie WHO en de Gezondheidsraad, het wetenschappelijke adviesorgaan van de Nederlandse regering, adviseren 10 microgram per liter water. Nederland probeert in 2013 aan deze lagere norm te voldoen.

De maximaal toegestane hoeveelheden lood in levensmiddelen zijn:

in boerenkool 2,5 milligram (2500 microgram) per kilo
in schelp- en weekdieren 2,0 milligram (2000 microgram) per kilo
in varkens- en kalfslever, runder- en varkensnier 1,0 milligram (1000 microgram) per kilo
in vis 0,20 milligram per kilo, in aal, knorvis, horstmakreel, sardien 0,30 milligram per kilo, in schaaldieren (behalve bruin vlees van krab, kop en borst van kreeft en andere grote schaaldieren) 0,50 milligram per kilo 
in granen, bladgroenten en overige visserijproducten 0,5 milligram (500 microgram) per kilo
in andere groenten, fruit, vlees, kaas en pluimvlees 0,3 milligram (300 microgram) per kilo
in aardappelen 0,2 milligram (200 microgram) per kilo
in eieren 0,1 milligram (100 microgram) per kilo
in melk 0,05 milligram (50 microgram) per kilo
 

De controle op naleving van deze normen is in handen van de Voedsel en Waren Autoriteit.

Het lood-risico in Nederland

Volgens berekeningen van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en TNO kreeg vijftig procent van de Nederlanders in 1984 minder dan ca. 55 microgram lood per dag binnen. In 1986, twee jaar later, was dat ca. 34 microgram lood per dag. Dat is ruimschoots onder de norm van de Codex Alimentarius van 3,57 microgram per kilo lichaamsgewicht. Uit diverse onderzoeken blijkt dat bij jongeren de gemiddelde loodconcentratie in het bloed 43 microgram per liter is. Daarmee blijft deze onder de norm van de FDA (100-300 microgram per liter bloed). Er waren wel enkele uitschieters tussen de 100 en 200 microgram per liter, maar alle waarden bleven in alle gevallen beneden de grens van de WHO van 250 microgram per liter bloed.

Gehaltes in voedsel

Sinds het begin van de jaren tachtig zijn de concentraties lood in de lucht en de grond gedaald. Dat komt vooral door de verminderde hoeveelheid lood in autobrandstof. Daardoor zijn de hoeveelheden lood in levensmiddelen minimaal. In nieren van schapen en runderen is de loodconcentratie gedaald tot ongeveer 0,2 milligram per kilo in 1993 (toegestaan: 1 milligram per kilo). De gehaltes in mosselen en garnalen schommelen beiden rond respectievelijk 0,1 en 0,4 milligram per kilogram (toegestaan 2 milligram per kilo). In 1990 en 1992 werd in brood gemiddeld 0,03 milligram lood per kilo gemeten. Voor granen is 0,5 milligram per kilo toegestaan.

Gehaltes in leidingwater

In Nederland ligt de concentratie lood in het leidingwater beneden de 25 microgram per liter. Bij loodconcentraties boven 35 microgram per liter kunnen zuigelingen tussen de leeftijd van zes en acht maanden de norm van de FDA overschrijden. Dat zou in theorie voor kunnen komen in huizen van vóór 1940 in de binnenstad van grote steden, waar mogelijk nog loden leidingen zijn. Onduidelijk is wat voor effect zo’n tijdelijke overschrijding op zuigelingen heeft. Wie het zekere voor het onzekere wil nemen, kan het beste bij een installateur informatie inwinnen over het leidingstelsel in de woning.

Meer informatie over lood

Overzichtsliteratuur

Coördinatie Commissie voor Metingen in het Milieu CCRX 1995: Metingen in het milieu in Nederland 1993. RIVM, Bilthoven, Nederland: 56-61.
C. Hegger et al. 1992 Vergiftiging door lood. Ned Tijdschr.Geneesk. 136/23: 1093-1097.
Warenwet: Verontreinigingen in levensmiddelen Artikel 2.4
S.J. Pocock et al. 1994 environmental lead and children’s intelligence: a systematic review of the epidemiological evidence. BMJ 309: 1189-1197.

Wetenschapsartikelen

Gezondheidsraad Commissie Lood in Drinkwater 1997 Lood in Drinkwater Publikatienummer 1997/07. Rijswijk: Gezondheidsraad.
R.P. Heaney 2000 Lead in calcium supplements, cause for alarm or celebration? JAMA 284/11:1432-1433.
A.M. Reichlmayr-Lais & M.Kirchgessner 1997 Lead. In O’Dell & Sunde eds. Handbook of nutritionally essential mineral elements. New York: Marcel Dekker Inc. pp 479-492.
M. Payton et al. 1998 relations of bone and blood lead to cognitive function: the VA Normative Aging Study. Neurotoxicol.Teratol. 20: 19-27.
S. Tong et al. 1996 Lifetime exposure to environmental lead and children’s intelligence at 11-13 years: the Port Pirie cohort study. BMJ 312: 1569-1575.
H. Hu et al. 1996 The relationship of bone and blood lead to hypertension. JAMA 275: 1171-1176.

Links

http://europa.eu.int/comm/food/fs/sc/sct/out63_en.pdf
Standpunt scientific committee EC over risico op loodvergiftiging.
www.inchem.org/iarc.html
IARC monographs over de carcinogeniteit van verbindingen.
www.vrom.nl
Site van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, dat een informatieblad heeft over het vervangen van loden leidingen in de woning met subsidie.