Zout
Ons eten bevat veel meer zout dan goed voor ons is. We krijgen gemiddeld 9 tot 10 gram zout per dag binnen. De Gezondheidsraad adviseert maximaal 6 gram zout per dag te nemen. Van veel keukenzout krijg je een hoge bloeddruk. Om precies te zijn komt dat door het mineraal
natrium dat in keukenzout zit. Het risico op hart- en vaatziekten neemt toe als de bloeddruk hoger wordt. Geschat wordt dat ieder jaar ongeveer 2.500 mensen overlijden omdat ze te veel zout eten.
Industrie
We krijgen het meeste zout (ongeveer 70 procent) binnen door industrieel bereide of bewerkte voedingsmiddelen. Zo zit in kant-en-klaarmaaltijden vaak veel zout, maar ook in brood, vlees(waren), soepen en kaas. Het ministerie van VWS wil het zoutgehalte in deze en andere industrieel bereide of bewerkte voedingsmiddelen met 30 procent terugbrengen. Het ministerie van VWS maakt hierover afspraken met de producenten. Het streven is om de zoutconsumptie in kleine stappen te verlagen. Zo kunnen we langzaam maar zeker wennen aan een minder zoute smaak.
Minder zout
Je kunt zelf ook het nodige doen om minder zout binnen te krijgen. Het Voedingscentrum adviseert om:
- weinig of geen zout aan het eten toe te voegen. Probeer eens andere smaakmakers zoals (verse) kruiden en knoflook;
- matig te zijn met zoute smaakmakers zoals bouillonblokjes, maggi, ketjap en kruidenzout. Zeezout is ook niet ‘beter’ dan keukenzout;
- gebruik bij voorkeur zout waar een deel van het natrium vervangen is door kalium en magnesium. Denk aan 'Jozo bewust' of 'Lo Salt';
- vaker producten uit de categorie ‘ bij voorkeur’ te kiezen, die doorgaans minder zout bevatten;
- het eten van hartige snacks zoals zoutjes te beperken;
- op het zoutgehalte te letten als je een voedingsproduct koopt. Op de verpakking staat het zoutgehalte vermeld als natrium. Wees wel alert, want 1 gram natrium = 2,5 gram keukenzout. Kies voor het product dat het minste natrium bevat.