Voedingscentrum.nl maakt gebruik van cookies. Waarom? Lees onze uitleg.
Encyclopedie

De Voedingscentrum Encyclopedie is de kennisbank van het Voedingscentrum. Je vindt er inhoudelijke informatie over allerlei onderwerpen.

Je kunt op 2 manieren zoeken naar onderwerpen in de encyclopedie: via het zoekveld en via het alfabet.

Nieuw
Populair
Ga naar
 

Praten met je puber

Heb je problemen met het eetgedrag van je kind? Gooit hij bijvoorbeeld zijn brood weg op school of snoept hij te veel? Praten is de eerste stap in het oplossen van het probleem. Er bestaan helaas geen wondertips die van toepassing zijn op iedere tiener in elke situatie. Maar er zijn wel algemene tips die goed kunnen werken. 
Als je de basisvaardigheden kent, kun je zelf kijken wat werkt voor jouw kind en voor jou. Kinderpsycholoog Tischa Neve geeft in dit filmpje een paar tips voor het praten met je puber. Lees ook de 8 tips die onder het filmpje staan. Kijk daarna hoe je afspraken maakt met je kind en hoe je kind met voedselverleidingen om kan gaan.

8 tips voor het praten met je tiener

Tip 1: Luister

Er is een grotere kans dat jouw boodschap overkomt en dat je kind naar je luistert, als je eerst zelf naar je kind luistert. Bijvoorbeeld: vraag je puber eerst wat de reden is dat hij zijn brood weggooit op school, voordat je boos wordt. Geef je kind de ruimte, zonder optrekkende wenkbrauwen of andere lichaamstaal waarmee je duidelijk je afkeuring laat merken. Je zult zien dat er vaak best een goede reden is voor zijn gedrag. Van daaruit kun je samen kijken naar oplossingen.

Tip 2: Verwoord en erken de emotie

Achter elke emotie en gedrag zit een reden. Dat kan een wens zijn, een onderliggend gevoel of een behoefte. Stap daar niet zomaar overheen. Maar haal het scherpe randje van de emotie af. Dat doe je door de emotie onder woorden te brengen en begrip te tonen. Het gevoel is het probleem namelijk niet, dat mag er altijd zijn. Alleen niet elk gedrag waarmee gevoelens geuit worden is acceptabel. Daar kun je eventueel op corrigeren. Het kan bijvoorbeeld zijn dat je kind zijn brood weggooit, omdat hij zich voor aap voelt staan bij zijn vrienden die geen broodtrommel meenemen. Zeg dan bijvoorbeeld ‘ik begrijp dat dit een probleem voor je is, laten we samen kijken hoe we het op kunnen lossen’.

Tip 3: Geef niet altijd gelijk je mening 

Pubers doen veel dingen waar wij van alles van vinden. Een grote valkuil is dat wij onze mening daarover veelvuldig op ze loslaten. In de hoop dat we ze overtuigen of op betere ideeën brengen. En dat werkt helaas meestal juist averechts. Als je niet gelijk je ongezouten mening geeft en niet gelijk zegt wat je kind moet doen, dan vertellen en delen ze meer. Zo laat je ze er zelf over nadenken. Bovendien geeft het veel sneller een ingang tot een goed gesprek. Zeg bijvoorbeeld dus niet ‘ik vind het belachelijk dat je brood weggooit op school’, maar vraag wat hij er zelf van dat gedrag vindt.

Tip 4: Zorg voor een positieve draai

Simpel en doeltreffend: alles wat je met een ‘niet’ zegt kun je vervangen door een positievere variant met wat je wél wilt. En ook als je met iets kunt dreigen, kun je er een positieve draai aan geven. Je hebt dan meer kans dat je kind gewoon ‘oké’ zegt. 

Een paar voorbeelden:

  • In plaats van ‘Als je steeds liegt, dan geloof ik je nooit meer’ kun je ook zeggen ‘Als je eerlijk zegt wat er speelt dan kunnen we zoeken naar een oplossing’.
  • In plaats van ‘als je niet zegt wat je mee wil naar school, dan kan ik het ook niet weten...’ kun je ook zeggen ‘Als je me vertelt wat je graag mee wil voor lunch dan maak ik het vandaag voor je klaar’ 

Tip 5: Beschrijf wat jij voelt

Als we kwaad zijn vallen we onze puber soms aan met woorden. Gevolg? Ze trekken zich terug of gaan in de tegenaanval. Als je beschrijft wat jij voelt, heb je meer kans dat je puber je begrijpt en er iets mee doet. Voorbeeld: ‘Ik ben echt teleurgesteld, ik ging er van uit dat je je brood wel zou opeten nu we samen overlegd hadden wat je mee wilde nemen’ 

Tip 6: Geef complimentjes 

Druk je waardering uit. Pubers lijken hier soms niet op te wachten, maar ze hebben het juist hard nodig dat wij aandacht blijven geven aan dat wat ze leuk, lief of goed doen. Alleen zullen ze dat nooit toegeven natuurlijk. Dus eet je kind al een week zijn broodtrommel leeg, terwijl hij eerst de inhoud in de prullenbak kieperde? Zeg hoe blij je daarmee bent.  En blijf niet focussen op wat niet goed gaat. Dan mis je wat wel leuk of goed is aan je tiener. Probeer juist op de leuke en goede dingen te focussen.

Tip 7: ‘Choose your battles’

Wat jij belangrijk vindt, is lang niet altijd belangrijk voor je puber. Probeer je niet druk te maken en te ergeren aan van alles. Dat maakt het niet gezelliger in huis. Tip: ga niet overal op in, maar kies een handig moment en kies uit waar je de ‘strijd’ over aan gaat en waarover niet. 

Tip 8: Geef zelf het goede voorbeeld

Het lijkt soms wel of je puber zich ineens niks meer aantrekt van jou, maar uit onderzoek blijkt dat ouders wel degelijk heel belangrijk zijn in de keuzes van pubers. Je kind leert het meeste van wat jij zelf laat zien. Wat je zegt is minder belangrijk. Besef daarom bij alles wat je doet: als er kinderen bij zijn, geef je het gezonde voorbeeld. Bijvoorbeeld: als je naar je werk gaat, neem jij ook een broodtrommel mee. Je kind ziet dan dat het een heel normaal dagelijks voorwerp is. Dus vinden ze het niet meer dan logisch dat zij ook hun eigen boterhammen meenemen.
Eetwissel maken?
Met een Eetwissel maak je vandaag al een kleine stap binnen wat je nu al eet. Bij elke wissel zorg je beter voor jezelf en het milieu.