Sommige soorten antibiotica moeten worden gereserveerd voor mensen en mogen niet meer aan vee worden gegeven. Op die manier kan het risico op de overdracht van resistente bacteriën van dier naar mens worden verkleind. Dat schrijft de Gezondheidsraad in een advies van woensdag 31 augustus.
Het gebruik van antibiotica in de veeteelt werkt de resistentie van bacteriën in de hand. Bekende bacteriën die niet meer reageren op antibiotica zijn ESBL en MSRA. Mensen die drager zijn van deze bacteriën kunnen soms lastig behandeld worden tegen infecties, zoals een eenvoudige blaasontsteking.
Enkele antibiotica die nog wel helpen tegen ziekmakende bacteriën, zoals het nieuwe middel tigecycline, moeten niet aan vee worden gegeven, vindt de Gezondheidsraad. Anders komt hun werking bij mensen in gevaar. Het gebruik van andere antibiotica moet worden verminderd.
Veel boeren gebruiken antibiotica bij vee om ziekten te behandelen, maar ook preventief en groepsgewijs, om infecties te voorkomen. Het gebruik van antibiotica is in Nederland in de dierhouderij hoog vergeleken met andere landen. In de biologische sector wordt veel minder antibiotica gebruikt, maar ook biologisch vlees kan resistente bacteriën bevatten.
Via besmet vlees kun je drager worden van een resistente bacterie. Gelukkig zijn er manieren om het risico op besmetting te verkleinen. Was je handen goed voordat je gaat koken, houd rauw en bereid voedsel apart van elkaar, verhit je eten goed en koel bederfelijk eten voldoende.
Lees meer over het gebruik van antibiotica in de veeteelt.