Er belandt meer eten in de afvalbak dan je denkt. In een gemiddeld huishouden wordt ongeveer 12% van het eten weggegooid. Een derde daarvan zijn onvermijdbare verliezen, zoals stonken en botten. Twee derde was te voorkomen geweest door niet te ruim in te kopen en te koken, goed te bewaren of de houdbaarheidsdatum in de gaten te houden. Vooral kort houdbare producten zoals brood, zuivel, vlees, groente en fruit belanden in de vuilnisbak.
Aandeel landbouw
Landbouw draagt voor een groot deel bij aan de uitstoot van broeikasgassen.
Aandeel voedseltransport
De milieubelasting van transport hangt erg af van het soort vervoersmiddel. Het vliegtuig geeft de meeste broeikasgassen per kilogram en per kilometer. Daarmee worden vaak kwetsbare producten vervoerd. Voorbeelden hiervan zijn aardbeien, blauwe bessen en asperges. Omdat het meeste over de weg wordt vervoerd en niet per vliegtuig, levert wegtransport de grootste bijdrage aan het broeikaseffect. Vervoer per boot, van bijvoorbeeld bananen, geeft weer een lage uitstoot.
Aandeel koelen en bewerken
In ons consumptiepatroon zitten steeds meer producten die bewerkt en verpakt zijn. Denk aan kant-en-klaar maaltijden, koek, snoep, mixen en toetjes.
Producten als groente en fruit worden deels in de fabriek bewerkt en vervolgens gekoeld, ingevroren of geconserveerd (in blik of pot). Koelen en vriezen, maar ook de conserveringstechnieken (vriezen, hittebehandeling en drogen) kosten energie. Deze technieken worden toegepast om een product langer houdbaar te maken. Koelen en vriezen kosten meer energie dan conserveren. De reden is dat het product tot het moment van consumptie gekoeld of ingevroren moet blijven.
Aandeel consumptie
Als consument heb je tot een derde van het energieverbruik direct in de hand. Zaken die meespelen zijn het boodschappen doen, de opslag (koelkast, vriezer), het bereiden en weggooien.
Uitstoot landbouw
Landbouw draagt voor een groot deel bij aan de uitstoot van broeikasgassen. Dit heeft onder meer te maken met de inzet en productie van krachtvoer, kunstmest en machines in de landbouw. Behalve CO2 komen ook de broeikasgassen methaan en lachgas vrij. Methaan belast het milieu 25 keer sterker dan CO2. Lachgas 296 keer sterker.
Methaan en lachgas komen vrij door:
- Ontbossing
- Mestproductie
- Herkauwen
- Kunstmest
Ontbossing
Wanneer bos plaats moet maken voor bijvoorbeeld weiland of sojateelt, komen veel broeikasgassen vrij, die in het bos en de bodem vastgelegd waren.
Mestproductie
Het vee zorgt voor een mestoverschot doordat er in Nederland veel intensieve veeteelt is . Behalve de uitstoot van broeikasgassen vervuilt het teveel aan mest ook de bodem en het water.
Herkauwen
Rundvee, schapen en geiten zijn herkauwers. Ze maken methaan in hun maag, dat ontstaat bij het fermenteren van gras en voer. Een deel van het methaan komt vrij uit koeienmest. Een gemiddelde melkkoe produceert 200 tot 400 gram methaan per dag.
Kunstmest
Voor het maken van kunstmest is aardgas en energie nodig. Ook wordt er fosfaat gebruikt, waar een beperkte voorraad van is. De biologische landbouw werkt zonder kunstmest.
Veevoer
Rundvlees, varkensvlees en zuivel dragen meer bij aan de klimaatverandering dan kippenvlees, eieren en plantaardige eiwitbronnen. Elke kilo vlees of zuivel vraagt namelijk om 2 tot 10 kilo voer. De teelt van veevoer kost grond. De toenemende vraag naar vlees of zuivel over de wereld leidt mede tot ontbossing en het verdwijnen van regenwoud.
Biologisch
Het keurmerk ‘biologisch’ vertelt je niet of de CO2 -uitstoot laag of hoog is. Biologisch voedsel wordt geteeld zonder synthetische pesticiden of kunstmest, wat minder CO2-uitstoot geeft. Anderzijds brengt biologisch meestal minder op per hectare.
Transport
Veel van ons eten komt uit het buitenland. Het wordt voor een deel over lange afstanden aangevoerd. Een op de drie vrachtwagens op de weg vervoert voedselproducten. Vrachtwagens zorgen voor smogvorming en geluidsoverlast. Naast vrachtwagens dragen vliegtuigen flink bij aan het broeikaseffect.
Energie
Voor de verwarming van kassen is in de winter veel energie en verlichting nodig. In de kassen worden bijvoorbeeld tomaten, komkommers en paprika’s geteeld.