Er is steeds meer aandacht voor dierenwelzijn. Bij dierenwelzijn gaat het om het lichamelijke én geestelijke welzijn van dieren. Uitgangspunt hierbij is dat dieren gevoel hebben.
Hier leest je meer over dierenwelzijn, wat er is geregeld in de wet en welke keurmerken iets zeggen over dierenwelzijn.
Wat houdt dierenwelzijn in?
De Britse Farm Animal Welfare Council (FAWC) heeft vijf ‘vrijheden’ vastgelegd om vast te stellen of dieren wel of niet diervriendelijk worden gehouden. Deze richtlijnen zijn algemeen geaccepteerd. Diervriendelijk wil zeggen dat het dier:
- geen dorst en honger heeft
- geen ongemak ondervindt
- geen pijn lijdt, verwondingen of ziekten heeft
- normaal gedrag kan vertonen
- geen angst en stress heeft
Bij de vierde richtlijn wordt gekeken naar het gedrag van deze dieren in het wild (zoals het wilde zwijn bij varkens), of naar het gedrag van dieren die niet beperkt zijn in hun bewegingsvrijheid.
Wat is er geregeld in de wet?
Voor elk dier kan welzijn in de praktijk wat anders betekenen. Daarom heeft de Europese overheid hiervoor regels opgesteld. Deze regels zijn minimumeisen voor het houden van dieren in Europa.
De regels zijn in Nederland vastgelegd in de
Gezondheids- en Welzijnswet voor Dieren. Er staan algemene regels in die voor alle dieren gelden. Het is bijvoorbeeld verboden:
- bij een dier onnodig pijn of letsel te veroorzaken, of zijn gezondheid of welzijn aan te tasten
- een dier de nodige verzorging te onthouden
- onnodige ingrepen te plegen bij dieren
- dieren als prijs, beloning of gift uit te reiken
Daarnaast is iedereen verplicht een hulpbehoevend dier zorg te verlenen.
Verder zijn er regels voor bijvoorbeeld:
- de huisvesting van bepaalde diersoorten
- het slachten van dieren
- het vervoeren van dieren
Voor het houden van leghennen, kalveren en varkens zijn concrete regels uitgewerkt. Zo worden legbatterijen per 2012 verboden. Voor vleeskuikens komen er in 2010 regels.
Maar dierenwelzijn speelt niet alleen op de boerderij. Ook andere schakels in de veehouderij hebben ermee te maken, zoals fokkerijen, transportbedrijven en slachterijen. Zo is er sinds 2007 een wet voor veetransport. Hierin staat dat de begeleiders een speciale opleiding moeten hebben en dat bij transporten van langer dan acht uur speciale vrachtwagens gebruikt moeten worden.
Daarnaast stelt de wet eisen aan slachthuizen. Zij moeten de stress beperkt houden en de dieren verdoven of bedwelmen. Bij de slacht zijn veeartsen aanwezig om te kijken of de regels worden nageleefd. Zij kijken ook of de dieren gezond zijn.
Welke aandachtspunten zijn er?
Er zijn verschillende dierenwelzijnsorganisaties in Nederland die vinden dat de welzijnsregelgeving aangescherpt moet worden, zoals de Dierenbescherming, Varkens in Nood, Stichting Wakker Dier en de World Society for the Protection of Animals (WSPA). Als belangrijkste knelpunten geven zij aan:
- te weinig ruimte
- geen gelegenheid om naar buiten te gaan
- roostervloeren zonder liggedeelte met stro (kalveren, vleesvarkens, melkkoeien)
- veetransporten langer dan acht uur
- het (onverdoofd) castreren van biggen en couperen van staarten
- te weinig voer geven (bij ouderdieren van vleeskuikens)
- te eenzijdig voer geven (bij kalveren die worden gehouden voor blank vlees)
- het snavelkappen bij legkippen en het doden van mannelijke eendagskuikens
- het gebruik van te snel groeiende rassen van vleeskuikens
- het fokken van dikbilrunderen, waarbij geen natuurlijke geboorte mogelijk is
- onvoldoende verdoving in slachthuizen
- het gebruik van groeihormonen of preventieve antibiotica
De Europese Commissie en het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit willen het dierenwelzijn verbeteren. Daarom komen er strengere regels. Ook wordt onderzocht wat de beste omstandigheden zijn om dieren te houden. Stichting Milieukeur heeft een meetlat gemaakt om dierenwelzijn objectief te kunnen meten. Mogelijk komt er een Europese kwaliteitsstandaard voor dierlijke producten die geproduceerd zijn met een hoog niveau van dierenwelzijn.
Keur- en beeldmerken op het gebied van dierenwelzijn
Hoe diervriendelijk een dier is gehouden, is niet te zien aan het vlees of de eieren. Je moet afgaan op de informatie van de verkoper of de verpakking. Verschillende keurmerken zeggen iets over het dierenwelzijn. Wanneer deze op de verpakking staan, weet je dat de dieren onder betere omstandigheden gehouden zijn dan gebruikelijk is. Kortom: er zijn hogere eisen gesteld aan dierenwelzijn dan de Europese wet eist. Daar hangt wel een prijskaartje aan. De kosten voor de veehouder zijn hoger, bijvoorbeeld omdat de dieren meer ruimte krijgen en voer van betere kwaliteit. Daarom zijn deze producten duurder dan ‘gangbare’.
Hier volgt een overzicht van keurmerken op het gebied van dierenwelzijn:
- scharrelkeurmerken
Bij scharrelproducten hebben de dieren meer ruimte gehad dan gangbaar is. De regels voor scharreleieren zijn vastgesteld door de Productschappen Vee, Vlees en Eieren (PVE). Er zijn ook vrije uitloop-eieren. Voor scharrelvlees zijn er regels opgesteld door PROduCERT. Verder zijn er Franse scharrelproducten met het keurmerk Label Rouge. Ook het Graskeurmerk en het Milieukeur wijzen op diervriendelijker producten.
- het EKO-keurmerk, het Europese biologische keurmerk of de aanduiding ‘biologisch’
Het EKO-keurmerk staat op biologische producten. Maar ook het woord ‘biologisch’ geeft aan dat een product biologisch is geproduceerd. Biologische producten moeten voldoen aan Europese regels voor de biologische landbouw en biologische producten.
- het keurmerk Demeter
Het Demeter-keurmerk staat voor biologisch-dynamische producten. Ze voldoen aan de Europese regels voor biologische landbouw. Daarnaast geldt een aantal specifieke eisen gebaseerd op de antroposofie.
Daarnaast zijn er allerlei (beeld)merken die extra aandacht schenken aan dierenwelzijn, zoals:
Volwaard kip
, Jumbo Bewust, Peter's Farm, France Limousin, Greenfields
en 'weidezuivel'
.
Nota Dierenwelzijn
In 2007 is de meest recente nota Dierenwelzijn verschenen. Hierin staat het dierenwelzijnsbeleid van het Ministerie van LNV. De overheid wil dat de kwaliteit van leven van dieren verder verbetert, Europa kan daarbij een grote rol spelen, doordat de wettelijke eisen strenger kunnen worden. Grote nadruk ligt op het stimuleren van innovaties en investeringen in diervriendelijke houderijsystemen. Dit zijn de verschillende manieren om boerderij in te richten. Investeringen in diervriendelijke houderijsystemen die verder gaan dan de wettelijke eisen worden door de overheid ondersteund. In de nota is uitgewerkt hoe het dierenwelzijn verbeterd kan worden. Voor de nota heeft Wageningen-UR de grootste problemen in de leefomstandigheden van dieren in de grootste landbouwsectoren geanalyseerd. De overheid wil naast de verbeteringen bij de houderijsystemen ook consumenten stimuleren om vaker te kiezen voor diervriendelijke en duurzame producten.
Definitie dierenwelzijn volgens de Nota:
Dierenwelzijn betreft de kwaliteit van het leven van het dier, waarbij de houder de ‘vijf vrijheden’ respecteert en daarmee de grenzen van het adaptatievermogen van het dier niet overschrijdt.