Logo voor de printversie
Datum: 26 maart 2008

Hoeveel nodig?

De Nederlandse Gezondheidsraad heeft vastgesteld hoeveel iedereen van de verschillende vetten (vetzuren) binnen zou moeten krijgen. Dit zijn de zgn. voedingsnormen. De geadviseerde hoeveelheden worden uitgedrukt in energieprocent. Dat wil zeggen: het aandeel in het aantal calorieën dat het eten levert. Hooguit tien energieprocent verzadigd vet bijvoorbeeld, betekent dat niet meer dan tien procent van de calorieën afkomstig zou moeten zijn uit verzadigd vet.


Totaal vet, verzadigd vet, onverzadigd vet, essentiële vetzuren, transvet

Er zijn voedingsnormen voor de verschillende typen vet en de hoeveelheid vet in totaal (‘totaal vet’).  De voedingsnorm voor totaal vet verschilt voor mensen met en mensen zonder (neiging tot) overgewicht.

Samenvatting van de voedingsnormen voor volwassenen en kinderen vanaf 4 jaar


Totaal vet


 20-40 energieprocent, bij (neiging tot) 
 overgewicht 20-35 energieprocent


Verzadigd vet

 

 
 minder dan 10 energieprocent


Transvet

 

 
 minder dan 1 energieprocent


Linolzuur

 

 2 energieprocent


Alfa-linoleenzuur 

 

 1 energieprocent

N-3-vetzuren uit vis
(EPA en/of DHA)

 

 Vanaf 19 jaar: 0,45 gram per dag (450
 mg)


Meervoudig onverzadigd vet

 

minder dan 12 energieprocent

       

Zie ook: