Er zijn veel manieren om af te vallen, maar ze zijn lang niet allemaal gezond. Op de volgende pagina’s staan allerlei methoden op een rij. Daarbij geldt: het ‘wonderdieet’ bestaat niet. Belangrijk is dat een vermageringsdieet niet alleen gewichtsverlies oplevert, maar ook nog voldoende voedingsstoffen levert.
Verantwoord
Een gevarieerde, energiebeperkte voeding is een verantwoord vermageringsdieet. Daarbij hebben voedingsmiddelen die weinig energie leveren in verhouding tot de hoeveelheid voedingsstoffen de voorkeur. Dit komt neer op voedingsmiddelen met:
- weinig (verzadigd) vet
- veel voedingsvezel
- weinig of geen toegevoegde suiker
- weinig alcohol
Om voldoende voedingsstoffen binnen te blijven krijgen, is het belangrijk dat het dieet niet minder dan 1200 kilocalorieën per dag levert. Als het in individuele gevallen nodig is om een dieet met minder calorieën te volgen, dan is het gewenst om dit aan te vullen met een multivitaminepreparaat, dat één keer de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid (ADH) van alle vitamines en mineralen bevat. Daarnaast is het belangrijk dat het dieet voldoende groente en fruit bevat: daar zitten meer belangrijke stoffen in dan alleen vitamines en mineralen.
Hieronder vindt u meer informatie over de verschillende diëten.
Dieetvoedingen
Atkins
Vasten/sapkuren
Een leven lang fit
Negatieve calorieën
Preparaten
'Hartstichting'-dieet
Montignac
Dieet in groepsverband
Bloedgroepdieet
Allen Carr
Detox-dieet
Immogenics
South Beach dieet
Sonja Bakker
Broodwisseldieet
Dr. Frank dieet
Zeer laag energetische dieetvoedingen en maaltijdvervangers
Er zijn speciale dieetvoedingen die weinig energie leveren. Daarbij wordt verschil gemaakt tussen zeer laag energetische dieetvoedingen en laag energetische dieetvoedingen, waaronder ook de bekende maaltijdvervangers vallen. In de wet is geregeld waaraan ze moeten voldoen.
Zeer laag energetische dieetvoedingen
Zeer laag energetische dieetvoedingen zijn bedoeld ter vervanging van de gewone voeding. Op de verpakking staat: ‘de dagelijkse voeding volledig vervangend product voor gewichtsbeheersing’. Ook moet worden aangegeven dat het product zonder medische begeleiding niet langer dan drie weken mag worden gebruikt.
Deze dieetvoedingen moeten per dag tussen de 450 en 800 kilocalorieën leveren en ten minste de per dag aanbevolen hoeveelheden vitamines en mineralen bevatten. Verder zijn eisen gesteld aan de hoeveelheid eiwit, vet, linolzuur en vezel.
Verantwoord?
Zeer laag energetische dieetvoedingen zijn een verantwoorde keuze wanneer er in korte tijd veel afgevallen moet worden. Uit onderzoek is gebleken dat er meer gewichtsverlies mee kan worden bereikt dan met gewone energiebeperkte diëten. Wel vallen veel mensen na het stoppen van de kuur gemakkelijk terug op hun oude gewicht. Het gewichtsbehoud op de lange termijn is beter wanneer de kuur wordt gevolgd in het kader van een geïntegreerd gewichtsbeheersingsprogramma gedurende één tot twee jaar.
Laag energetische dieetvoedingen en maaltijdvervangers
Laag energetische voedingen zijn bedoeld om alle gewone eetmomenten te vervangen. Ze moeten tussen de 800 en 1200 kilocalorieën per dag leveren en ten minste de per dag aanbevolen hoeveelheden vitamines en mineralen. Verder zijn eisen gesteld aan de hoeveelheid eiwit, vet, linolzuur en vezel. Onder de laag energetische dieetvoedingen vallen ook de zogenaamde maaltijdvervangers. Op de verpakking daarvan moet staan: ‘maaltijdvervangend product voor gewichtsbeheersing’. Deze moeten per maaltijd voorzien in dertig procent van de aanbevolen hoeveelheid vitamines en mineralen en tussen de 200 en 400 kilocalorieën leveren.
Verantwoord?
Uit onderzoek is gebleken dat mensen met behulp van maaltijdvervangers meer afvielen en beter op gewicht bleven dan met een ‘gewone’, energiebeperkte voeding. Een nadeel is dat maaltijdvervangers geen groente of fruit bevatten. Weliswaar voorzien ze in vitamines en mineralen, maar niet in alle andere stoffen die groente en fruit zo gezond maken. Wanneer voor maaltijdvervangers wordt gekozen, is het het beste per dag één tot twee maaltijden te vervangen en daarnaast een ‘gewone’ warme maaltijd met veel groente te eten die niet te veel calorieën levert. Tussendoor is fruit aan te raden. In combinatie met groente en fruit zijn maaltijdvervangers een verantwoorde keuze als vermageren en op gewicht blijven met gewone voeding moeilijk is.
Atkins en andere koolhydraatarme diëten
Verschillende populaire diëten, zoals het Atkins-dieet en het Mayo-dieet, komen neer op een eetpatroon met veel vet en eiwit en weinig koolhydraten (suikers, zetmeel). Brood, graanproducten, aardappelen, rijst en pasta zijn verboden of zeer beperkt toegestaan (in 2e fase). Daardoor wijkt het dieet vrij sterk af van het gangbare Nederlandse eetpatroon. Groente, fruit en melk zijn in beperkte mate toegestaan. De consumptie van producten met veel vet en eiwit, zoals (vet) vlees, kaas, eieren, room, boter en mayonaise daarentegen is vrij.
‘Ketose’
Uit onderzoek blijkt dat koolhydraatarme diëten tot gewichtsverlies leiden. Dat komt doordat de voeding in totaal minder calorieën levert. De mate van gewichtsverlies hangt af van hoe lang het dieet wordt gevolgd, hoeveel calorieën er minder worden ingenomen en hoeveel er wordt bewogen. Bij het Atkins-dieet speelt mogelijk ook een niet-volledige vetverbranding een rol bij het afvallen. Onder ‘normale’ omstandigheden zijn er voldoende koolhydraten aanwezig om de vetten volledig te verbranden. In de eerste fase (de zogenaamde inductiefase) van het Atkins-dieet kunnen de vetzuren niet meer volledig door het lichaam worden benut door de combinatie van relatief veel vet en zeer weinig koolhydraten. De overblijvende restanten, zogenaamde ketonlichamen, komen vrij in de bloedbaan. Dit proces staat bekend als ‘ketose’. De ketonlichamen verlaten het lichaam via de urine en de uitademingslucht. Dit veroorzaakt bij de gebruikers van een dergelijk dieet een typische geur (‘acetonlucht’).
Gewichtsverlies
Veel mensen die het Atkins-dieet volgen, zeggen minder honger te hebben. Dat lijkt te verklaren uit het hoge vet- en eiwitgehalte van het eten, in combinatie met de vorming van ketonlichamen. Wanneer daardoor minder wordt gegeten, betekent dat weer meer gewichtsverlies.
Zoals bij elk afslankdieet wordt in de eerste één tot twee weken sneller gewicht verloren dan daarna. Doordat het lichaam minder energie binnenkrijgt dan het nodig heeft, mobiliseert het snel de glycogeenvoorraden in het lichaam. Dit gaat gepaard met een aanzienlijk vochtverlies.
In de vervolgfase van het Atkins-dieet mogen meer koolhydraten worden gegeten en is er geen ‘energieverlies’ meer als gevolg van een onvolledige vetverbranding. Het gaat er dan om, net als bij andere diëten, om de voeding en het lichaamsgewicht in balans te houden.
Gezondheidsproblemen
De ketose die bij het Atkins-dieet in de eerste fase ontstaat, is op zich niet schadelijk zolang er geen zogenaamde acidose optreedt die gepaard gaat met verlies van natrium en kalium met de urine. Zo’n zogenaamde keto-acidose kan optreden bij slecht gereguleerde diabetes - vanwege een tekort aan insuline - en kan leiden tot coma en andere ernstige gezondheidsproblemen. Diabetespatiënten en personen met een gestoorde nierfunctie moeten daarom voorzichtig zijn met het volgen van een koolhydraatarmdieet. Daar staat tegenover dat gewichtsreductie, zeker bij personen met overgewicht, een gunstig effect heeft op de regulering van de bloedglucosespiegels door een verbeterde insulinegevoeligheid.
Cholesterolgehalte
Het Atkins-dieet kenmerkt zich door een hoog gehalte aan eiwit en vet, waaronder verzadigd vet. Dat laatste blijkt niet te leiden tot een verhoogd cholesterolgehalte. Dit blijkt uit studies waarbij personen tot twaalf maanden lang werden gevolgd. Het ontbreken van dit effect kan worden verklaard door de afname van het lichaamsgewicht. Gewichtsverlies heeft immers een positieve uitwerking op het cholesterolgehalte. Het is echter zeer de vraag of dit gunstige effect behouden blijft bij het volgen van het Atkins-dieet wanneer het lichaamsgewicht stabiel is. Uit tal van studies blijkt dat te veel verzadigd vet dan wel resulteert in een verhoging van het ‘slechte’ (LDL-)cholesterol en een afname in het ‘goede’ (HDL-)cholesterol, waardoor het risico op bijvoorbeeld hart- en vaatziekten wordt vergroot. Ook een langdurig hoog niveau van eiwitconsumptie wordt als ongewenst beschouwd.
Gezond eetpatroon
Een ander bezwaar van het langere tijd volgen van een Atkins-dieet met relatief veel vet, weinig groente en/of fruit en weinig graanproducten, is dat het minder vitamines en mineralen, voedingsvezel en andere bioactieve stoffen levert. Het Atkins-dieet kan dus een goede manier zijn om een gezond gewicht te bereiken, maar uiteindelijk gaat het erom de gezondheidswinst die dit oplevert, vast te houden met een gezond eetpatroon. Dat wil zeggen: voldoende groente en fruit, brood en andere graanproducten en zo min mogelijk verzadigd vet.
Vasten of sapkuren (sapvasten)
Sapkuren houdt in dat er alleen een bepaalde hoeveelheid vruchtensappen mag worden genuttigd en verder niets. Daarom wordt wel van ‘sapvasten’ gesproken. Er zijn ook kuren waarbij uitsluitend energievrije dranken zoals water en (kruiden)thee zijn toegestaan. Omdat daarbij geen calorieën worden opgenomen, komen deze kuren neer op vasten.
Tekorten
Bij dit soort kuren gaat het gewicht door het gebrek aan voedsel snel omlaag. Daarbij gaat het in het begin vooral om vochtverlies. Al vrij snel zal het lichaam spierweefsel gaan afbreken. De hersenen en de rode bloedcellen hebben namelijk glucose nodig als energiebron. Als deze glucose niet beschikbaar komt uit koolhydraten uit voedsel, dan gaat het lichaam eigen eiwit afbreken om in de glucosebehoefte te voorzien. In welke mate dit gebeurt, hangt af van de hoeveelheid koolhydraten die het lichaam bijvoorbeeld via sap nog binnenkrijgt. Enkele dagen kuren of vasten kan waarschijnlijk geen kwaad. Langer sapkuren of vasten moet worden ontraden. Er wordt waardevol spierweefsel afgebroken en sap bevat lang niet alle voedingsstoffen die het lichaam nodig heeft.
Een leven lang fit
Volgens de ‘Een leven lang fit’-theorie ontstaat overgewicht door een onvolledige stofwisseling en inefficiënt gebruik van voedsel. Hierdoor zouden zich giftige afvalstoffen ophopen en dat zou weer leiden tot gewichtstoename. Om dit te voorkomen, moet het voedsel anders worden gecombineerd. Dat wil zeggen: eiwitten en koolhydraten mogen niet tegelijk worden geconsumeerd en per maaltijd mag slechts één soort ‘geconcentreerd voedsel’ aanwezig zijn. Geconcentreerd voedsel wordt omschreven als al het voedsel dat geen fruit of groente is. Een boterham met kaas of een maaltijd die bestaat uit aardappelen, vlees en groente is dus niet toegestaan. Fruit mag volgens ‘Een leven lang fit’ nooit samen met andere producten worden gebruikt. Er moet veel worden gedronken, maar melk zou volgens deze theorie niet thuishoren in de voeding van een volwassen mens.
Kans op tekorten
De theorieën waarop deze methode is gebaseerd kloppen niet met wat er bekend is over de processen in het lichaam. Gewichtsverlies wordt veroorzaakt door de beperking van de calorieën, maar niet door verwijdering van ‘gifstoffen’. De belofte dat het gewichtsverlies blijvend is, is loos: het gewicht stijgt weer zodra de kuur is afgelopen.
Het samenstellen van de maaltijd is nodeloos ingewikkeld. Het scheiden van koolhydraten en eiwitten is praktisch onuitvoerbaar. Zo leveren graanproducten zoals brood zowel koolhydraten als eiwitten. Verder is er een grote kans op tekorten aan belangrijke voedingsstoffen zoals calcium (kalk) en vitamine B2.
Negatieve calorieën
Van een aantal voedingsmiddelen wordt wel beweerd dat zij ‘negatieve calorieën’ bevatten. Er doen verschillende verhalen de ronde over welke voedingsmiddelen het dan gaat. De verbranding van deze voedingsmiddelen zou meer energie vragen dan de energie die ze toevoegen aan het lichaam. Dit zou betekenen dat het gewicht daalt naarmate meer van deze producten wordt gegeten.
Deze theorie is een typisch ‘klok en klepel’-verhaal. Er is wel energie nodig om voedsel te verwerken maar die hoeveelheid is gering in vergelijking met de energie die het eten levert. Negatieve calorieën bestaan dus niet. Als het gewicht afneemt, dan heeft dit andere oorzaken, zoals verandering van eetgewoonten en meer lichaamsbeweging.
Vermageringspreparaten
Bij de drogist, apotheek, supermarkt en soms via huiskamerverkoop zijn tientallen middelen te koop die gewichtsverlies tot doel hebben. Dit kunnen poeders, pillen en dranken zijn die vóór of in plaats van de maaltijd moeten worden gebruikt.
Voorbeelden van vermageringspreparaten zijn:
- preparaten met carnitine, chroom of enzymen uit ananas of papaja, die het lichaamsvet of -eiwit zouden oplossen;
- kruidenmengsels en kruidenthee, die laxerend en vochtafdrijvend zouden werken;
- preparaten met algen, lecithine, zeewier of gisten, die de schildklierwerking zouden stimuleren, vet zouden oplossen, laxerend of eiwitsplitsend zouden werken;
- stoffen die invloed hebben op bepaalde hormonale systemen, zoals lysine en argininerijke producten die de afgifte van groeihormoon bevorderen, en efedrine en cafeïne die de stofwisseling stimuleren
- stoffen die de vetverbranding zouden stimuleren, zoals appelazijn of Pu-Erh thee
- supplementen met chitosan, dat de opname van vet in de darm zou remmen
- supplementen met CLA (geconjugeerd linolzuur)
- zwelmiddelen en vezelpreparaten, zoals guar en cellulose. Deze zwellen op in de maag, waardoor een hongergevoel achterwege zou blijven en afvallen dus minder moeite zou kosten.
Geen aangetoonde werking
Als er onderzoek is gedaan, gaat het vrijwel altijd om laboratoriumonderzoek of onderzoek bij dieren, waarbij hoge doseringen zijn gebruikt. Het effect bij de mens is niet aangetoond. Waarschijnlijk hebben de gevonden effecten voor de mens weinig of geen (praktische) betekenis. Het gebruik kan in sommige gevallen, bijvoorbeeld overmatig gebruik van laxerende middelen, risico opleveren voor de gezondheid, zeker op de lange termijn. Om die reden zijn bijvoorbeeld preparaten met stimulerende middelen zoals efedra inmiddels verboden.
Het ‘Hartstichting-dieet’
Veel mensen denken ten onrechte dat het bij het Hartstichting-dieet om een betrouwbaar dieet gaat vanwege de goede naam van de Nederlandse Hartstichting. Deze organisatie heeft hiermee echter helemaal niets te maken. De ideeën komen in het geheel niet overeen met die van de Hartstichting. Het dieet is energiebeperkt, maar levert onevenredig veel (verzadigd) vet. Dit is nadelig voor hart en bloedvaten. Op onverantwoorde wijze worden beloften gedaan, die absoluut niet waar gemaakt worden. Door de slechte samenstelling is het dieet onvolwaardig en ongezond.
Methode Montignac
Volgens de theorie van de Fransman Montignac draait het bij afslanken niet om een beperking van de calorieën. Hij hecht veel meer waarde aan de zogenaamde glycemische index (GI) van koolhydraten. De GI is een maat voor de snelheid waarmee het bloedglucosegehalte stijgt na consumptie van koolhydraten. Montignac onderscheidt ‘goede’ koolhydraten (met een GI lager dan 50) en ‘slechte’ koolhydraten (met een GI boven de 50). Ook adviseert Montignac het gescheiden eten van koolhydraten en vetten, een ruim gebruik van groente, fruit, peulvruchten en volkorenproducten en een beperking van het gebruik van verzadigd vet.
Goed is het advies om veel groente, fruit, peulvruchten en volkorenproducten te eten en de hoeveelheid verzadigd vet in de voeding te beperken. Op korte termijn leidt deze methode tot gewichtsvermindering doordat het eten minder calorieën levert. Daar staat tegenover dat de niet goed onderbouwde theorieën de methode nodeloos ingewikkeld maken. Een boterham met kaas en een maaltijd met vlees, groente en aardappelen zijn taboe. Het gescheiden eten van koolhydraten en vetten is praktisch onuitvoerbaar. Zo levert brood zowel koolhydraten als vet. Het bloedglucosegehalte wordt bovendien door nog veel meer factoren beïnvloed dan alleen de GI van afzonderlijke voedingsmiddelen.
Vermageren in groepsverband
Door zowel commerciële als niet-commerciële organisaties (Thuiszorg, diëtisten) worden mogelijkheden geboden om te vermageren in groepsverband. De beperkt beschikbare onderzoeksgegevens wijzen erop dat zelfhulpgroepen, waarbij lotgenotencontact en zelfcontroletechnieken worden toegepast, behulpzaam kunnen zijn bij het bereiken en handhaven van gewichtsverlies.
Over het algemeen zijn de diëten goed samengesteld en wordt gewerkt aan het verbeteren van eetgewoonten. Veel mensen vinden het prettig om persoonlijke steun en motivatie te ontvangen van de anderen. Sommige mensen vinden de sociale controle tijdens de bijeenkomsten belastend. Verder kost vermageren in groepsverband tijd en soms veel geld.
Het Bloedgroepdieet
Uitgangspunt van het Bloedgroepdieet is dat de bloedgroep zou bepalen welke voedingsmiddelen goed zijn voor iemand en welke hij of zij beter kan laten staan. Afhankelijk van het type bloedgroep zou een product afweerreacties bij het lichaam kunnen oproepen of de spijsvertering juist ondersteunen.
Het Bloedgroepdieet is niet specifiek ontwikkeld om af te vallen. Het zou het afvallen wel bespoedigen en stimuleren omdat de stofwisseling wordt gestimuleerd. Het idee is dat het lichaam in balans wordt gebracht, waardoor het zich ontdoet van afvalstoffen die in het lichaamsvet zijn opgeslagen.
Het Bloedgroepdieet is niet gestoeld op erkende wetenschappelijke inzichten. Het dieet is lastig in gebruik: er moet steeds opgezocht worden of uit het hoofd geleerd welke producten bij de bloedgroep passen of neutraal zijn. Koken kan lastig worden wanneer gezinsleden verschillende bloedgroepen hebben. Soms wordt een drastische aanpassing van het voedingspatroon verlangd (bv. geen granen of zuivel meer). Dat kan risico geven op tekorten aan bepaalde voedingsstoffen.
De genoemde alternatieve producten zijn niet altijd goed verkrijgbaar en/of smaken heel anders. Bij sommige bloedgroepen levert het dieet niet alle voedingsstoffen en is een voedingssupplement nodig om tekorten aan te vullen
De Carr-methode
Allen Carr noemt zijn methode een ‘anti-dieet’. Niet een dieet maar het veranderen van eetgewoonten staat centraal. Carr stelt dat mensen terugmoeten naar hun natuurlijke instincten. Zijn motto is: het voedsel dat het heilzaamst is, is ook het lekkerst - we moeten het alleen leren herkennen. Leren luisteren naar het lichaam betekent ook: eten als je honger hebt, stoppen als je genoeg hebt gegeten, en zoveel mogelijk onbewerkt voedsel gebruiken.
Allen Carr beschouwt vlees, melk en melkproducten en bewerkt voedsel niet als voedsel dat voor de mens is gemaakt. Deze bewering is omstreden. Zeker wie afziet van zuivel, loopt kans op tekorten aan bepaalde voedingsstoffen.
Het Detox-dieet
Dit dieet van dr. Paula Baillie-Hamilton is gestoeld op de opvatting dat chemicaliën die in lichaamsvet worden opgeslagen, zoals PCB’s, pesticiden en zware metalen, de stofwisseling in de war schoppen. Daardoor zouden veel mensen de vetvoorraad in het lichaam niet meer goed kunnen verbranden. Door drastisch af te vallen, wordt het probleem volgens dit principe verergerd, omdat dan de gifstoffen uit het lichaamsvet vrijkomen.
Het Detox-dieet is erop gericht het natuurlijke mechanisme om op het juiste gewicht te blijven terug te krijgen en te stimuleren. Het dieet adviseert het lichaam te helpen met ontgiften door bindmiddelen als oplosbare vezels en actieve kool te gebruiken, veel voedingssupplementen te slikken en veel rauwe groenten te eten. Ook lichaamsbeweging is belangrijk. Zogenaamde ‘chemische calorieën’ moeten worden vermeden, bijvoorbeeld door biologische groenten en fruit te eten en weinig dierlijk vet. Het dieet is meer gericht op het maken van de juiste keuzes dan op het verminderen van het aantal calorieën.
Het dieet sluit aan bij bestaande wetenschappelijke inzichten dat het belangrijk is niet te drastisch af te vallen, ook voldoende te bewegen, voldoende koolhydraten te eten, veel groente en fruit te gebruiken en weinig dierlijk vet. De stelling dat gifstoffen in het lichaam de stofwisseling ondermijnen, wordt echter niet ondersteund door erkend wetenschappelijk onderzoek. De omvang van het aantal chemicaliën waarmee mensen volgens de schrijfster in aanraking komen, is groter dan wat deskundigen in Nederland reëel achten.
Sommige adviezen zijn extreem en moeilijk op te volgen (installeer een waterfilter voor het badwater, gebruik geen shampoo uit plastic flessen). Het slikken van grote hoeveelheden vitamines en mineralen is bij een normaal eetpatroon volgens de bekende inzichten niet nodig.
Immogenics
Volgens het bedrijf NOVO Immogenics wordt overgewicht veroorzaakt door een ontstekingsreactie die rechtstreeks met verkeerde voeding te maken heeft. Onverteerde voedseldeeltjes zouden in de bloedbaan komen en het immuunsysteem stimuleren, waardoor het hormoon insuline zijn werk niet goed kan doen. Daardoor zou de glucose uit het bloed niet worden gebruikt als brandstof, maar worden opgeslagen in de vetcellen, met als gevolg overgewicht.
Tegen betaling verricht NOVO bloedonderzoek om aan te tonen van welke voedingsmiddelen iemand dik wordt. Deze moeten dan 6 tot 8 weken volledig uit de voeding worden weggelaten. Daarna mogen ze weer voorzichtig worden geïntroduceerd. Tegen betaling kan verdere begeleiding worden verkregen, onder andere van een diëtist.
Deze theorie heeft geen enkele wetenschappelijke onderbouwing. Normaal gesproken wordt voedsel goed verteerd. Alleen de deeltjes die het lichaam verder kan verwerken, worden opgenomen. De rest blijft in de darm en wordt via de ontlasting uitgescheiden. Alleen in geval van voedselallergie wordt het immuunsysteem geprikkeld door bepaalde eiwitverbindingen. Dit leidt echter niet tot overgewicht, maar tot andere verschijnselen.
Het afslankprogramma kan ook leiden tot een onevenwichtig eetpatroon. Zo worden er lijstjes verstrekt van voedingsmiddelen die niet mogen worden gegeten, zonder dat er goede vervangingen worden aangegeven. Ook meldt NOVO nogal eens dat er geen gluten gegeten mogen worden. Glutenintolerantie kan echter niet worden aangetoond via bloedonderzoek en leidt niet tot overgewicht.
Het South Beach Dieet
Volgens Agatston (de Amerikaanse cardioloog die het heeft bedacht) is het South Beach Dieet geen dieet, maar een manier van leven die ervoor zorgt dat mensen hun overtollig gewicht blijvend kwijtraken. De principes van het dieet zijn: weinig verzadigd vet en de goede koolhydraten. Dat wil zeggen dat vooral koolhydraatrijke voedingsmiddelen met een lage glycemische index, zoals groente, volkoren graanproducten en fruit gegeten moeten worden. Het dieet bestaat uit drie fasen.
Fase 1: Ontwennen
De eerste fase moet 2 weken worden gevolgd. In deze periode valt men 3,5 tot 6 kilo af. Deze fase is bedoeld om te ontwennen. Men moet als het ware afkicken van voedingsmiddelen met veel geraffineerde koolhydraten: de producten waar men dik van is geworden, zoals wit brood, snoep en koek. In deze fase wordt ook het proces van afvallen op gang gebracht.
Het voedingspatroon in deze eerste 2 weken bestaat uitsluitend uit mager vlees, magere vis, groente, een beperkte hoeveelheid magere kaas en maximaal 250 milliliter magere melk. Voor de bereiding wordt uitsluitend olie geadviseerd.
Fase 2: Geleidelijk afvallen
De tweede fase moet worden volgehouden tot het streefgewicht is bereikt. Het tempo van afvallen moet 0,5 tot 1 kilo per week zijn. In deze fase mogen aan het voedingspatroon van fase 1 geleidelijk de ‘goede koolhydraten’ worden toegevoegd: fruit en volkoren graanproducten.
In de voorbeeldmenu’s is de hoeveelheid volkorenproducten voor Nederlandse begrippen echter zeer beperkt.
Fase 3: Gewichtsbehoud
De derde fase moet voor gewichtsbehoud zorgen. In principe mag alles weer gegeten worden. Het voedingspatroon bestaat uit drie maaltijden, die zodanig moeten verzadigen dat er geen behoefte is aan tussendoortjes. Qua samenstelling wordt voortgeborduurd op het voedingspatroon van de tweede fase: magere dierlijke producten, groente, fruit en volkoren producten. Het blijft wel een patroon met veel mager vlees en groente.
Personen die in de tweede of derde fase weer aankomen, worden aangeraden om een aantal dagen fase 1 te volgen en vervolgens weer door te gaan met de fase waarin men zat.
Gewichtsafname door vochtverlies
Dit dieet komt voornamelijk in de eerste en tweede fase neer op een zeer eiwitrijke en koolhydraatarme voeding. Door de voorgeschreven keuze van magere dierlijke producten en het goede bereidingsvet zal het gehalte aan verzadigd vet niet erg hoog zijn.
De snelle gewichtsafname in de eerste fase wordt voor een deel veroorzaakt door vochtverlies. Door de lage energetische waarde van de voeding worden de glycogeenvoorraden in het lichaam verbruikt. Dit gaat gepaard met een aanzienlijk vochtverlies. Dat mensen die dit dieet volgen zeggen geen honger te hebben, lijkt te verklaren door het hoge eiwitgehalte in de voeding dat een goede verzadiging geeft.
Hoewel er geen langetermijnstudies naar de gezondheidseffecten van dit dieet bekend zijn, lijken er fysiologisch gezien geen grote nadelen van te verwachten. Wel zal het eiwitgehalte in elk geval rond de door de Gezondheidsraad gestelde aanvaardbare bovengrens van inneming liggen. Voor gezonde mensen hoeft dit geen bezwaar te zijn.
Niet genoeg vezel en vitamine A
Het meest van belang zijn de gezondheidsaspecten van fase 3. Deze fase is immers bedoeld voor gewichtsbehoud en zal daardoor langdurig gevolgd worden. Een belangrijk positief aspect van de derde fase vormen de drie hoofdmaaltijden met een hoge verzadigingswaarde. In combinatie met het advies om de voeding zorgvuldig te plannen vormt dit een goed uitgangspunt voor een voeding gericht op gewichtsbehoud.
Ook in fase 3 is de voeding nog zeer eiwitrijk. Door het toch nog beperkte gebruik van volkoren producten zal de voeding in deze fase, ondanks het ruime gebruik van groente, niet genoeg vezel bevatten. Op dit punt komt de voeding dan ook niet overeen met de aanbevelingen voor een gezonde voeding.
Een kanttekening is dat de voorziening met vitamine A (retinol) op den duur wat krap kan worden. Door het gebruik van magere producten en olie voor de bereiding is de inneming van vitamine A laag. Het is de vraag of deze voldoende wordt gecompenseerd door het caroteen (dat in het lichaam wordt omgezet in vitamine A) uit de ruime consumptie van groente.
Sonja Bakker-methode
Volwassenen
In haar boeken ‘Bereik je ideale gewicht! Een effectief programma om verantwoord af te vallen’ en ‘Bereik en behoud je ideale gewicht’ beschrijft gewichtsconsulente Sonja Bakker een methode om af te vallen. Deze methode is een van de vele vermageringsdiëten met als basis strikte menuvoorschriften die een aantal weken moeten worden gevolgd. Het dieet gaat uit van drie hoofdmaaltijden en een beperkt aantal caloriearme tussendoortjes.
Kanttekeningen
Het dieet sluit aan bij een aantal voedingsadviezen uit de Schijf van Vijf, zoals gevarieerd eten, veel groente en weinig vet. De menu’s bevatten echter veel minder brood en soms minder zuivel en fruit dan door het Voedingscentrum wordt aangeraden. Op sommige dagen van de weekmenu’s moeten vrouwen het wat betreft brood doen met een paar beschuiten of crackers. De energetische waarde lijkt voldoende laag om kilo’s kwijt te raken.
Er zijn daarnaast kanttekeningen te plaatsen bij de adviezen en feiten. Zo raadt Sonja Bakker aan om, ongeacht wat men verder drinkt, elke dag twee liter water te drinken. Dit is absoluut niet noodzakelijk. Een volwassene heeft per dag 1,5 liter drinken nodig. Dit kan water zijn, maar ook thee, vruchtensap of een andere drank.
Ook werkt Sonja Bakker veel met (een beperkte selectie) dure merkproducten, terwijl in veel gevallen alle merken van dat product goed zijn. Zo zijn alle magere zuivelproducten zonder toegevoegde suiker en alle soorten halvarine goed en niet alleen het met naam genoemde merkproduct.
Ten slotte staan er verspreid door de boeken voedingskundige weetjes en tips die niet stroken met wetenschappelijk onderzoek, zoals ‘van witte wijn krijg je cellulitus’, ‘fruit reinigt je lichaam’ en ‘koffie ontrekt vocht aan het lichaam’. Ook de bewering dat je gevarieerd moet eten om je stofwisseling op peil te houden staat op gespannen voet met de wetenschap. Dat geldt ook voor het advies dat je beter een appelbol met bladerdeeg (570 kcal) kunt eten in plaats van twee oliebollen (samen 320 kcal).
Lange termijn
Net als bij veel andere vermageringsdiëten bestaat ook bij de Sonja Bakker-methode een risico om op termijn weer terug te vallen op het oude gewicht. Het boek ‘Bereik en behoud je ideale gewicht’ bevat wel meer tips en adviezen om vol te blijven houden. Desondanks is het de vraag of de summiere informatie in de boeken genoeg inzicht geeft om het eetpatroon structureel aan te passen en zo het risico op terugval te verkleinen. Er wordt weinig aandacht besteed aan wat veel en weinig energie levert. Ook de genoemde dure merkartikelen kunnen mensen ervan weerhouden om de gezonde keuze te blijven maken, omdat ze hiervoor geen alternatieven aangereikt krijgen.
Kinderen en tieners
Het tweede boek van Sonja Bakker is gericht op kinderen en tieners. In het boek staan dagmenu’s voor verschillende leeftijdscategorieën, die strikt opgevolgd moeten worden. Deze dagmenu’s zijn opgebouwd uit drie hoofdmaaltijden en drie keer iets tussendoor.
De menu’s vormen geen gezond eetpatroon voor kinderen. Ze bevatten veel te weinig brood, weinig groente en veel melk(producten). Verder is een dieet in tegenspraak met de algemeen geaccepteerde uitgangspunten voor de aanpak van overgewicht bij kinderen. Kinderen in de groei moeten niet zomaar op een dieet worden gezet. Het belangrijkste voor kinderen en tieners die wat te dik zijn, is een evenwichtige, volwaardige voeding, weinig snoep, snacks en frisdranken én meer bewegen. Het gewicht zal dan geleidelijk aan weer passen bij de lengte. Kinderen met ernstige gewichtsproblemen hebben individuele professionele begeleiding nodig (via de huisarts).
Het Broodwisseldieet
Bij het Broodwisseldieet wordt een dag met alleen maar brood afgewisseld met een dag normaal en gezond eten. Op de ‘brooddagen’ is het de bedoeling alleen brood te eten, dus zonder beleg en boter. Aanbevolen wordt er elke dag minimaal twee liter vocht bij te drinken, maar alleen in de vorm van dranken die niet of nauwelijks calorieën leveren, zoals water, koffie en thee zonder melk en suiker en heldere bouillon. Op de andere dagen kan ‘normaal’ worden gegeten, waarbij in elk geval moet worden gezorgd voor voldoende groente en fruit, zuivel en brood en een beperkt gebruik van snacks, snoep, frisdranken en alcohol.
Het Broodwisseldieet zou geschikt zijn om snel een aantal kilo’s kwijt te raken. Uit onderzoek blijkt dat het dieet in zes weken tijd drie tot vijf kilo gewichtsverlies oplevert. De terugval na circa vijf maanden bleek vergelijkbaar met die bij andere diëten.
Uit onderzoek blijkt dat het dieet voldoende B-vitamines en ijzer levert. De hoeveelheid calcium en vitamine A is minder dan tweederde van wat wordt aanbevolen. Aangezien het lichaam grote voorraden van deze voedingsstoffen heeft, zijn hier op korte termijn geen problemen door te verwachten.
Omdat niet uitgesloten kan worden dat het dieet op de langere termijn te weinig voedingsstoffen levert, is het beter het niet langer dan zes weken te volgen. Verder is het belangrijk dat er op de dag dat gewoon gegeten kan worden, gezond wordt gegeten volgens de Schijf van Vijf, zonder veel extra’s.
Previtas/Dr. Frank dieet
Dit dieet kan helpen om over een korte tijdsperiode gewicht te verliezen, maar op lange termijn is dit dieet niet aan te raden. Je krijgt dan te weinig fruit, vezels en calcium binnen. Je kunt dan beter kiezen voor een gezond eetpatroon en daar is een blijvende verandering van de leefstijl voor nodig.
Dr Frank zegt dat eiwitrijk voedsel sneller een verzadigend gevoel geeft. Dat klopt. Eiwitten zorgen voor verzadiging, net als koolhydraten en vetten. Alleen: per hoeveelheid energie (kcal) werken eiwitten meer verzadigend dan koolhydraten en vetten. Van een dieet met relatief meer eiwit (per hoeveelheid energie) raak je meer verzadigd dan van een dieet met relatief veel vetten of koolhydraten.
- Als je afvalt, verlies je vet- en spiermassa. Een hoog eiwit dieet zorgt ervoor dat je relatief meer spiermassa behoudt dan met een normaal eiwit dieet. Dat is belangrijk, want het is niet de bedoeling dat je teveel spiermassa verliest.
- Een hoog-eiwit dieet is op korte termijn een goede manier om gewicht te verliezen. Dat geldt uiteraard alleen als je je er echt aan houdt en als je minder energie inneemt dan je nodig hebt.
- Je valt ongeveer 1 kilo per week af. Dat betekent dat je ongeveer per dag 1000 kcal minder inneemt dan waaraan je behoefte hebt.
- Voor veel mensen is afvallen geen probleem, wel het op gewicht blijven na het dieet. Vaak zit binnen een jaar na afloop van het dieet een derde tot de helft van de kilo’s er weer aan. Om op gewicht te blijven na een dieet is het nodig dat je je leefstijl blijvend verandert.
Andere hoog eiwit diëten:
Prodiet proteine dieet
Alli
Prodimed