Voedingscentrum.nl maakt gebruik van cookies. Waarom? Lees onze uitleg
Menu van de Week Recept van de dag

2 personen
15-30 minuten
Ga naar
Encyclopedie

De Voedingscentrum Encyclopedie is de kennisbank van het Voedingscentrum. Je vindt er inhoudelijke informatie over allerlei onderwerpen.

Je kunt op twee manieren zoeken naar onderwerpen in de encyclopedie: via het zoekveld en via het alfabet.

Nieuw
Lekker eten met minder zout
Een praktisch boek voor iedereen die minder... Bestel nu € 9,95
Populair
Gezond eten met de Schijf van Vijf
Geheel vernieuwd! Iedereen weet dat gezond... Bestel nu € 9,95
Ga naar

Gehakt 'over de datum' eetbaar?

Feiten en fabels over houdbaarheid

Helma denkt: "Gehakt in een gesloten verpakking kun je een dag na de houdbaarheidsdatum nog eten."

Wat denk jij?

Jicht

Jicht wordt in principe behandeld met medicijnen. Of medicijnen worden voorgeschreven om het urinezuurgehalte te verlagen, hangt af van de oorzaak.

De kans op een jichtaanval wordt verkleind door matig te zijn met alcohol, 2 tot 3 liter water te drinken per dag en gezond te eten. Bij overgewicht wordt aangeraden om af te vallen. Soms adviseert de arts om een purinebeperkt dieet te volgen. Alleen in dat geval is het ook zinvol om dit te doen.

Omschrijving

Jicht is een reumatische aandoening die ontstaat door een storing in de stofwisseling van urinezuur. Normaal gesproken lost urinezuur in het bloed op en komt via de nieren in de urine terecht. Bij jicht wordt te weinig urinezuur via de urine uit het lichaam verwijderd.

Hierdoor hoopt teveel urinezuur in het lichaam op. Het overtollige urinezuur slaat bij jicht in de vorm van kristallen neer in gewrichten en andere weefsels. Dit kan ontstekingen veroorzaken. Dit teveel aan urinezuur leidt overigens lang niet altijd tot een jichtaanval: dat geldt maar voor 1 op de 100 mensen.

Urinezuur is een afbraakproduct van purine. Het lichaam maakt het grootste deel van purine zelf. Een heel klein deel van de purine is afkomstig van de voeding.

Oorzaak

Bij sommige mensen produceert het lichaam zelf te veel urinezuur. Erfelijke factoren kunnen hierbij een rol spelen. Meestal heeft het teveel aan urinezuur andere oorzaken, zoals:

  • overgewicht
  • andere ziekten, zoals psoriasis en leukemie
  • vochtafdrijvende medicijnen oftewel plastabletten: ze belemmeren de nieren om het urinezuur goed uit te scheiden.
  • alcohol

Jicht wordt in principe behandeld met medicijnen. Sommige zijn bedoeld om een aanval te bestrijden, andere om een aanval te voorkomen. Nog een andere soort is bedoeld om het urinezuurgehalte in het lichaam te verlagen. Of medicijnen worden voorgeschreven om het urinezuurgehalte te verlagen, hangt af van de oorzaak. 

Voedingsadvies

De kans op een jichtaanval wordt verkleind door:

  • Wees zeer matig met alcohol. Alcohol bevordert de stijging van het urinezuurgehalte in het bloed. Gebruik niet elke dag alcohol en maximaal 1 glas op een dag.
  • Drink 2 tot 3 liter per dag. Hierdoor ontstaat meer urine, waardoor het urinezuur sneller wordt verwijderd. Verdeel het drinkvocht goed over de dag en avond.
  • Val af als je overgewicht hebt. Het urinezuurgehalte in het bloed zal in dat geval dalen. Bij afvallen in korte tijd stijgt juist het urinezuurgehalte in het bloed. Een gewichtsverlies van 5 tot 10% helpt al goed mee om de urinezuuruitscheiding via de urine te verhogen.
  • Zorg voor een gezond voedingspatroon met veel variatie.
  • Volg pas een purinebeperkt dieet als de arts dat adviseert

Het purinebeperkt dieet

Bij de afbraak van purine uit de voeding wordt urinezuur gevormd. Daarom werd vroeger vaak gedacht dat iedereen met jicht een strikt purinebeperkt dieet moest volgen. De opvattingen hierover zijn echter veranderd. De behandeling bestaat uit medicijnen en het volgen van de adviezen om een nieuwe jichtaanval te voorkomen. 

Soms adviseert de arts toch om een purinebeperkt dieet te volgen. Alleen in dat geval is het ook zinvol om dit dieet uit te proberen en te bezien of het dieet een bijdrage aan de behandeling levert. Een diëtist kan een persoonlijk dieetadvies geven.

Normaal gesproken bevat de voeding gemiddeld 400 milligram purine per dag (uitgedrukt in mg urinezuur). Bij een purinebeperkt dieet wordt de hoeveelheid purine verminderd tot ongeveer 200 milligram purine per dag. De hoeveelheid purine wordt ook uitgedrukt in het purinestikstofgehalte (mg urinezuur = 3 x purinestikstofgehalte)

Hieronder staat een overzicht van producten met een heel hoog purinegehalte tot een heel laag purinegehalte en het bijbehorende advies voor het purinebeperkte dieet. Het aantal beschikbare cijfers is beperkt en van relatief oude datum, vandaar dat de producten in groepen zijn ingedeeld. 

Producten die je moet vermijden

Bij het purinebeperkt dieet geldt het advies om voedingsmiddelen met een zeer hoog purinegehalte te vermijden. Dit zijn voedingsmiddelen die meer dan 150 mg purine per 100 gram bevatten. Het gaat hierbij om: ansjovis, haring, bokking, forel, zalm, krab, sardines en spiering, kalfsvlees, orgaanvlees zoals lever en zwezerik, leverworst, en  gelatine en om gistrijke producten zoals Marmite. 

Producten die je met mate kunt nemen in overleg met diëtist

Bij producten met een purinegehalte van 75 tot 150 mg per 100 gram geldt bij het purinebeperkte dieet het advies om er niet te veel van te nemen. Bij grote porties stijgt het purinegehalte in de voeding al snel boven de 200 mg purine per dag. Het is zinvol om in overleg met de diëtist te bepalen hoeveel van deze voedingsmiddelen gegeten kan worden om binnen de richtlijnen van het dieet te blijven. 

Het gaat om deze producten:

  • Eend, kip*, rundvlees*, schapenvlees*,varkensvlees* en wild
  • Baars, kabeljauw, makreel, schelvis, schol en tong
  • Garnalen, kreeft, mosselen en oester
  • Artisjok, bleekselderie, mais, peulvruchten inclusief sojabonen en prei
  • Pinda’s, lijnzaad, zonnebloempitten en krenten en rozijnen
  • Aroma, ketchup 

*) Varieert afhankelijk van het vetgehalte, magere soorten hebben een hoger gehalte dat boven de 150 mg purine per 100 gram uit kan komen.

Producten die je gewoon kunt nemen, maar wel in overleg met diëtist

Producten met een purinegehalte van minder dan 75 mg per 100 gram kunnen volgens de aanbevolen dagelijkse hoeveelheden gegeten worden. Het is bij deze producten alsnog goed om naar een diëtist te gaan over de mate van gebruik van deze voedingsmiddelen. 

Het gaat om deze producten: 

  • Brood
  • Spek, paling en inktvis
  • Asperges, bieten, bloemkool, broccoli, groene, rode en witte kool sperziebonen, spinazie, paprika, witlof en champignons 
  • Walnoten, pistachenoten, amandelen, hazelnoten, cashewnoten en sesamzaad
  • Advocaat

Producten die je altijd kunt nemen

Deze producten hebben een heel laag purinegehalte en kunnen gewoon gegeten worden volgens de dagelijks aanbevolen hoeveelheden:

  • Aardappelen, gekookte rijst en -pasta
  • Veel soorten groenten, behalve die met meer dan 75 mg purine per 100 gram en broccoli, spinazie en champignons die een purinegehalte hebben van rond de 50 mg per 100 gram
  • Alle soorten fruit 
  • Melk en melkproducten, water, koffie, thee, vruchten-, tomaten- en groentesappen 
  • Alle overige voedingsmiddelen 

Meer informatie

Een diëtist kan een persoonlijk voedingsadvies geven.