Voedingscentrum.nl maakt gebruik van cookies. Waarom? Lees onze uitleg. Je kunt de webanalyse cookies instellingen aanpassen.
Menu van de Week Recept van de dag
Royaal met paprikapoeder
2 personen
30+ minuten
Ga naar
Encyclopedie

De Voedingscentrum Encyclopedie is de kennisbank van het Voedingscentrum. Je vindt er inhoudelijke informatie over allerlei onderwerpen.

Je kunt op 2 manieren zoeken naar onderwerpen in de encyclopedie: via het zoekveld en via het alfabet.

Nieuw
Kookboek Groente
Groenten zijn prachtige producten uit de... Bestel nu € 12,95
Populair
Alles over afvallen
Afvallen zonder dieet is de beste manier... Bestel nu € 9,95
Ga naar
 

Bestrijdingsmiddelen

Bestrijdingsmiddelen zijn stoffen die gewassen beschermen tegen ziekten, plagen en onkruid. Het gebruik ervan verhoogt de opbrengst en kwaliteit. Op groente en fruit kunnen resten van bestrijdingsmiddelen zitten. 

Om te voorkomen dat iemand te veel binnenkrijgt, is er voor ieder bestrijdingsmiddel in de wet een maximale hoeveelheid vastgesteld die nog op groente en fruit mag zitten. De kans dat zo’n rest een gevaar voor de gezondheid vormt, is heel erg klein. 

De gezondheidsvoordelen van groente en fruit eten zijn groot. De mogelijke gezondheidsrisico’s van resten bestrijdingsmiddelen vallen daarbij in het niet.

Omschrijving

Bestrijdingsmiddelen beschermen gewassen tegen ziekten, plagen en onkruid. Het gebruik van bestrijdingsmiddelen verhoogt de opbrengst en kwaliteit van een product. Bestrijdingsmiddelen worden ook wel gewasbeschermingsmiddelen of pesticiden genoemd. 

Er zijn verschillende soorten bestrijdingsmiddelen:

 

Soort

Tegen

Fungiciden

Schimmels

Herbiciden

Onkruid

Insecticiden

Insecten

Nematiciden

Bodemaaltjes

Rodenticiden

Knaagdieren (zoals muizen en ratten)

De middelen worden onder andere gesproeid of verstoven boven de plant of als korrels over de aarde gestrooid. Ze zijn meestal niet afspoelbaar. Daardoor hoeft de teler niet na elke regenbui nieuwe middelen te gebruiken. Bestrijdingsmiddelen beschermen niet alleen tijdens de teelt, maar ook tijdens de opslag, verwerking en het transport. 

Methoden voor gewasbescherming

Gewassen kunnen chemisch, biologisch of geïntegreerd beschermd worden:

  • Chemische bestrijdingsmiddelen bestaan uit één of meerdere werkzame stoffen gecombineerd met hulpstoffen. De werkzame stof is het bestanddeel dat de plantenziekte, plaag of het onkruid bestrijdt. Hulpstoffen zorgen ervoor dat het middel eenvoudig toegepast kan worden. Denk bijvoorbeeld aan oliën die er voor zorgen dat bestrijdingsmiddelen beter door de plant worden opgenomen.
  • Biologische gewasbescherming bestaat uit de combinatie van het inzetten van natuurlijke vijanden (denk aan sluipwespen), bestrijdingsmiddelen van natuurlijke oorsprong en mechanische bestrijding, zoals wieden van onkruid. Biologisch geteelde gewassen kunnen een biologisch keurmerk krijgen.
  • Bij geïntegreerde gewasbescherming wordt in eerste instantie geprobeerd plantenziekten, plagen en onkruid te voorkomen. Als dat niet lukt worden biologische middelen en natuurlijke vijanden ingezet. Pas als dat ook niet werkt, worden er chemische middelen ingezet. Nederland is voorloper in de wereld als het gaat om geïntegreerde gewasbescherming. 

Gezondheidseffecten

Resten bestrijdingsmiddelen mogen niet schadelijk zijn voor mensen. Daarom zijn er verschillende limieten vastgesteld voor de hoeveelheid bestrijdingsmiddel dat nog op groente en fruit mag zitten (lees daarover meer onder het kopje veiligheid).

Het kan in zeldzame gevallen voorkomen dat een consument groente of fruit eet waarin meer resten aan bestrijdingsmiddelen zitten dan de vastgestelde limiet. Zo’n overschrijding leidt alleen in uitzonderlijke gevallen tot echte gezondheidsklachten. 

Het zeer kleine risico staat in schril contrast met het gezondheidsverlies door het eten van veel te weinig groente en fruit

Cumulatieve effecten

Mensen eten meerdere soorten van groente en fruit. Zo kunnen ze binnen korte tijd in aanraking komen met verschillende soorten bestrijdingsmiddelen. Er zijn bestrijdingsmiddelen die qua werking erg op elkaar lijken. Je hebt bijvoorbeeld een groep bestrijdingsmiddelen die allemaal een zogenoemde organofosforverbinding bevatten. Als mensen via verschillende bronnen te veel van deze groep bestrijdingsmiddelen binnen krijgen kunnen ze klachten krijgen, zoals misselijkheid of hoofdpijn. 

Effecten die ontstaan door het binnenkrijgen van verschillende bestrijdingsmiddelen met vergelijkbare werking heten cumulatieve effecten. De Europese voedselveiligheidsautoriteit (EFSA) kijkt naar zulke cumulatieve gezondheidseffecten, maar dat is nog relatief nieuw. Voor een deel van de middelen is dit uitgevoerd. De EFSA concludeerde hierbij dat de aanwezigheid van bestrijdingsmiddelen die tot dezelfde groep behoren niet zal leiden tot een significante verhoging van korte-termijn gezondheidseffecten. Voor zover naar cumulatieve risico’s is gekeken, lijkt er dus geen gezondheidsrisico te zijn. Het onderzoek hiernaar gaat door.

Cumulatieve effecten bij kinderen

Het RIVM (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu) heeft specifiek naar de cumulatieve effecten bij jonge kinderen (2-6 jaar) gekeken die waren blootgesteld aan de groep bestrijdingsmiddelen met organofosforverbindingen. Het RIVM concludeerde dat het huidige voedingspatroon van jonge kinderen veilig is als het gaat om de blootstelling aan organofosforverbindingen.

Stapelen in het lichaam

Stapelen betekent het opstapelen van bestrijdingsmiddelen in het lichaam, doordat het niet afbreekt. Veel mensen kennen van vroeger nog wel het insectenbestrijdingsmiddel DDT. Daarvan bleek dat het stapelt in het vet van je lichaam. In Europa is het gebruik van DDT nu dan ook verboden. Net als alle andere bestrijdingsmiddelen die kunnen opstapelen in het lichaam nu verboden zijn. Voordat een bestrijdingsmiddel wordt toegelaten, moet eerst zijn aangetoond dat het lichaam resten bestrijdingsmiddel geheel afbreekt.

Veiligheid

Wetgeving

De toelating van bestrijdingsmiddelen is geregeld in Europese en Nederlandse wetgeving. Ook staat duidelijk in de wet welke bestrijdingsmiddelen in welke hoeveelheden gebruikt mogen worden. Er zijn tussen de 200 en 250 stoffen toegelaten. Ze mogen alleen maar gebruikt worden als ze geen gevaar vormen voor de consument, het milieu en de gebruiker. Hiervoor bestaan verschillende normen. Het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb) is in Nederland verantwoordelijk voor de toelating van de middelen.

Normen voor de veiligheid

Door het gebruik van bestrijdingsmiddelen kunnen er resten achterblijven op de gewassen. Deze resten mogen niet schadelijk zijn voor mensen. Daarom bestaan er voor elk bestrijdingsmiddel de volgende normen:

  • De aanvaardbare dagelijkse inname (ADI). De ADI geeft de hoeveelheid van een bestrijdingsmiddel die je levenslang elke dag binnen mag krijgen zonder dat dit slecht is voor je gezondheid. Een bestrijdingsmiddel mag niet kankerverwekkend zijn. 
  • De acute referentiedosis (ARfD). De ARfD is een schatting van de hoeveelheid van een bestrijdingsmiddel die je binnen 24 uur kan innemen zonder dat dit slecht is voor je gezondheid.
  • De maximale residu limiet (MRL). De MRL geeft aan hoeveel van een bestrijdingsmiddel mag achterblijven op het product. De MRL moet zo laag zijn dat mensen de ADI en de ARfD niet overschrijden wanneer ze deze producten eten. Zelfs als ze heel veel eten mag de hoeveelheid van een rest bestrijdingsmiddel niet schadelijk zijn voor de gezondheid. 

Babyvoeding

Voor babyvoeding gelden de strengste normen. Er geldt bijna altijd een zogenoemde nultolerantie. Dat betekent dat er helemaal geen resten bestrijdingsmiddel aanwezig mogen zijn in babyvoeding. 

Controle en handhaving door de NVWA

De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) controleert continu op de aanwezigheid van resten bestrijdingsmiddelen op groente en fruit. Jaarlijks worden er meer dan 4.000 monsters op de Nederlandse markt, in supermarkten en van importproducten geanalyseerd op de aanwezigheid van resten. Steekproefsgewijs worden ook dierlijke producten hierin meegenomen. Via veevoer kunnen namelijk ook resten bestrijdingsmiddelen in vlees, vis of zuivel terechtkomen. Er wordt meer bemonsterd op producten waarvan wordt verwacht dat er meer bestrijdingsmiddelen op zitten. Dit heet risicogerichte screening. Zo worden geïmporteerde producten uit een aantal niet-Europese landen extra in de gaten gehouden. Over het algemeen kan gesteld worden dat 98% van de producten voldoet aan de wettelijke eisen. Het aantal overschrijdingen is dus gering. 

Controle door het bedrijfsleven

In Nederland worden ook controles door het bedrijfsleven zelf uitgevoerd. Dit wordt gedaan in verband met diverse kwaliteitsstandaarden. In Nederland is er het monitoringssysteem van Stichting Food Compass die bij veel groothandels en importeurs onafhankelijke risicogerichte controles uitvoert. In alle gevallen moeten normoverschrijdingen bij de NVWA gemeld worden. 

Overschrijdingen

Als de NVWA overschrijdingen vindt van de MRL, dan onderneemt ze actie. Kleine overschrijdingen leiden meestal tot een boete. Een overschrijding van de MRL is meestal niet schadelijk voor de gezondheid. Maar soms komt het voor dat de ARfD wordt overschreden. Dat betekent dat de overschrijding wel schadelijk kan zijn voor de gezondheid. In dat geval wordt de partij uit de markt genomen. In een zeldzaam geval komt het voor dat de partij al is verkocht, omdat het een tijdje duurt voordat de analyses zijn uitgevoerd. In die situaties beoordeelt de NVWA ook de gezondheidsrisico’s voor de consumenten en wordt het internationaal gemeld, zodat zowel de overheid als het bedrijfsleven extra op kan letten of vergelijkbare overtredingen niet nogmaals plaatsvinden.

Tot nu toe worden alleen incidentele overschrijdingen gevonden van de ARfD. De ADI wordt met resten van bestrijdingsmiddelen in voedsel nooit overschreden.

Voedingsadvies

De kans is heel klein dat je te veel van een bestrijdingsmiddel binnenkrijgt. Het advies geldt om elke dag 250 gram groente en 200 gram fruit te eten. De gezondheidsvoordelen van groente en fruit eten zijn groot. De mogelijke gezondheidsrisico’s van resten bestrijdingsmiddelen vallen daarbij in het niet.

Schillen of wassen

Het is niet nodig groente en fruit te schillen of te wassen om de resten van bestrijdingsmiddelen te verwijderen. Veel bestrijdingsmiddelen trekken verder het product in dan de schil. Bovendien is er in de wet rekening mee gehouden dat je de hele vrucht eet. Wassen van groente en fruit is wel belangrijk om vuil en stof te verwijderen.

Groente en fruit zonder bestrijdingsmiddel 

De kans op resten bestrijdingsmiddelen is het kleinst in Nederlandse en biologische producten.

Wie geen groente of fruit met chemische bestrijdingsmiddelen wil eten, kan kiezen voor biologische producten. Biologische producten zijn te herkennen aan biologische keurmerken, zoals het EKO-keurmerk en Milieukeur.

Duurzaamheidsaspecten

Bestrijdingsmiddelen worden op akkers, boomgaarden of weilanden gebruikt en kunnen door verspreiding in het milieu effect op de omgeving, zoals het bodemleven of het oppervlaktewater hebben. Vaak is bijvoorbeeld een insecticide niet alleen effectief tegen het bewuste insect, maar doodt het ook andere insecten.

In de biologische sector worden minder bestrijdingsmiddelen ingezet. De middelen die gebruikt worden, zijn van natuurlijke oorsprong. Ze zijn gunstiger voor het milieu. 

Meer informatie

College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden:  www.ctb-wageningen.nl

Europese verordening nr. 396/2005 inzake bestrijdingsmiddelen:  Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden

Slim eten kopen

Dat is goed voor je portemonnee!

Waar kun je allemaal op letten bij het doen van boodschappen? Het Voedingscentrum geeft tips voor een goede planning en een praktisch boodschappenlijstje. Ook handig: haal meer voordeel uit de informatie van het etiket.